de terugkerenden behulpzaam te zijn in medisch en maatschappelijk opzicht. Daarom werd begin 1943 nog contact gezocht met vertegenwoordigers van verschillende departementen. Aangezien evenwel al spoedig gebrek aan belangstelling en medewerking bleek, werd van dit plan afgezien en beperkten wij ons verder tot ons eigen terrein: de directe' hulpverlening.
Daar wij steeds meer de noodzaak inzagen een eventuele hulpcolonne in internationaal geallieerd verband te'organiseren, haar te motoriseren en te militariseren, en daar wij dus noch uit Zwitserland noch uit Londen enige reactie op onze brief kregen, terwijl evenmin toen nog uit radio-uitzendingen bleek, of in Londen reeds iets voor repatriëring werd voorbereid, besloten wij eind 1943 zelf te trachten naar Londen te gaan. Door verraad bij de Spaanse grens is deze tocht mislukt en werden wij naar Zwitserland gedirigeerd.
In Zwitserland verzochten wij onmiddellijk, na onze bevrijding uit een kamp (Januari 1944), de gezant om onze réis naar Engeland te willen bevorderen en ons verzoek, met redenen omkleed, naar Londen door te geven. Wij werden verwezen naar de gedelegeerde- van bet Nederlandse Rode Kruis, comité Londen, J. W. J. Baron de Vos van Steen wijk. Een telegram naar Londen werd verzonden. Door een fout in de redactie ontstond grote vertraging, zodat pas in Maart ’44 het bericht kwam, dat ons plan in overweging was genomen. Inmiddels werd door de heer de Vos van Steen wijk een commissie ingesteld voor voorbereiding van een hulpteam, te recruteren uit in Zwitserland aanwezige Nederlanders, voor „displaced” Nederlanders in Oost-Europa. Tussen Maart en Juli 1944 werden door de heer de Vos van Steenwij k uit Londen voorlopige instructies ontvangen voor te geven . cursussen e.d., terwijl in Mei 1944 de mededeling kwam, dat uitgebreide instructies voor Dr. Polak Daniëls onderweg waren. Deze laatste waren evenwel in Juli 1944 nog niet gearriveerd (voor zover ons bekend) en in deze vijf maanden is door de genoemde commissie (genaamd Rode Kruis-commissie ,,P” — van Polen) niets anders gedaan, dan het houden van een schriftelijke enquête naar eventuele belangstellenden. Voor de wijze, waarop de besprekingen over het recruteren van medewerkers gehouden werden, verwijzen wij naar ons rapport over de behandeling van Nederlandse vluchtelingen in Zwitserland. Voor het geven van cursussen waren reeds lang voldoende richtlijnen aanwezig en op de enkele commissievergaderingen werd telkens afgesproken, dat Dr. en mevr. P. D. met het geven van deze cursussen en met het uitzoeken der deelnemers een aan vang zouden maken. Dit was voor hen echter niet mogelijk zonder reisvergunning van de Zwitserse autoriteiten en noch de gedelegeerde van het Rode Kruis noch het hoofd der afdeling vluchtelingen van het gezantschap, Dr. J. M. Kijzer, die beiden zitting hadden in de commissie P, hebben deze, ondanks herhaalde toezeggingen, aangevraagd, hoewel de vreemdelingenpolitie ons reeds had toegezegd onmiddellijk een reisvergunning te zullen verlenen, indien de legatie hierom verzocht; van deze toezegging was Dr. Kijzer op de hoogte.
Wij hadden intussen particulier contact gezocht met alle grote internationale hulporganisaties te Genève, die alle soortgelijke plannen