98
28 Augustus 1944. Het C.I.C.R. bericht, dat H. K. H. Prinses Juliana een volkomen onverwacht bezoek bracht aan Pres. Roosevelt en pleitte voor grote zendingen levensmiddelenpakketten door War Kefugee Board aan C.I.C.R. te Genève voor politieke gevangenen en gedeporteerden. De eerste zendingen uit U.S.A. zijn al onderweg!
14 December 1944.... hij deelde mede, dat aan de bereikbare Nederlandse politieke gevangenen tot ultimo December globaal ongeveer
2 pakketten per hoofd per maand verzonden werden.
1 22 December 1944. Verzending voor de Joodse Coördinatie-commissie van 1122 levensmiddelenpakketten naar Nederlanders in Theresiën-stadt en 1853 pakketten naar Bergen-Belsen.
2 Januari 1945. De heer Flugi verzoekt om frs. 137.136.— per maand voor 2 levensmiddelenpakketten aan elke bereikbare Nederlandse politieke gevangene in Duitsland......
21 Februari 1945 deelt de heer Flugi mede de voor Januari 1945 aangevraagde frs. 137.136.— nog steeds niet te hebben ontvangen. Door onmogelijkheid van verzending naar kampen in het Oosten zal nu een bedrag ad frs. 80.000.— voldoende zijn. Hij hoopt dit nu zeer spoedig te mogen tegemoet zien voor Februari 1945.
28 Februari 1945. De heer Flugi heeft de gevraagde frs. 137.136.— voor Januari 1945 nog niet ontvangen en vraagt nog eens om spoedige toezending der fondsen voor Januari en Februari 1945.
Bijlage 30.
Dr* A. Polak Daniëls (voormalig leider van de hulpéquipe in Zwitserland) en Mevr. dra. A. M. Polak Daniëls. Rapport over hun pogingen tot voorbereiding en uitvoering der repatriëring vanuit Oost-Europa.
Eind 1942 werden de eerste plannen voor hulp aan gedeporteerden in Polen besproken met de heren Offerhaus en Verspyck, leden van bet Hoofdbestuur van het N.R.K. Bij de voorlopig te vormen hulpgroep sloten zich o.a. aan Dr. en mevr. van Overeem, Dr. en mevrouw Groen uit Amsterdam en, als organisator van een eventuele grote ambulance Dr. Winckel (de leider der Abessijnse ambulance). Prof. Borst was bereid adviezen te geven.
Een uitvoerig schrijven over deze plannen werd in November 1942 door tussenkomst van een betrouwbaar Italiaans diplomaat aan de Nederlandse gezant te Bern gezonden met het verzoek dit door te willen zenden aan de Regering te Londen, of aan die Nederlandse of internationale instantie, die zich met deze zaken zou bezighouden, terwijl om antwoord verzocht werd. Ruim een jaar later is ons gebleken-, dat de gezant deze brief nimmer aan welke persoon of instantie ook, heeft doorgegeven, zodat dan ook geen antwoord ontvangen werd.
Het leek ons tevens van belang hier te lande reeds met enkele besprekingen te beginnen teneinde t.z.t. een organisatie te scheppen om