Pakkettenrapport Rode Kruis

Titel
Pakkettenrapport Rode Kruis

Jaar
1947

Druk
1947

Overig
Uitgegeven door het Nederlandse Rode Kruis, 1ed

Pagina's
172



i63

het Duitse Rode Kruis te Parijs zou moeten vervoegen. Hier werd ik op schandelijke wijze ontvangen en onder bewaking naar Brussel terug geleid. Bij het Duitse Rode Kruis aldaar vertelde de Ober Feldführer mij, dat ik zou moeten proberen nieuwe papieren van het Belgische Rode Kruis te krijgen, aangezien er een klacht was binnengekomen, dat ik met valse papieren zou reizen. Deze papieren heb ik onmiddellijk weten te verkrijgen en wel van de directeur-generaal van het Belgische Rode Kruis, die mij ook verder alle hulp toezegde. Toen ik dit schrijven aan het Duitse Rode Kruis overhandigde, belde de Ober Feldführer onmiddellijk generaal Hartmann en generaal Neumann op, leiders van het Duitse Rode Kruis te Berlijn. Laatstgenoemde vertelde mij tijdens dit telefoongesprek, dat het Hoofdbestuur van het N.R.K. aan het Duitse R. K. schriftelijk verzocht, had, mij geen hulp meer te verlenen.. Voormelde Duitsers voegden hieraan toe, dat zij zelve geen bezwaar hadden tegen mijn hulpacties ten behoeve der geïnterneerden te Gurs, maar genoopt waren te voldoen aan het verzoek van hun Nederlandse zuster-organisatie, om hieraan een eind te maken. Hierna keerde ik naar Parijs terug en bracht mijn zending tot aan de demarcatielijn te Ortès, waar ik, aangezien ik deze lijn niet meer mocht overschrijden, de zending aan de Duitse grensbeambten overgaf, met het verzoek deze aan Gurs door te zenden, waaraan voldaan werd. Echter was het mij uiteraard onmogelijk de voor de toenmalige gouverneur-generaal, Jhr. Tjarda van Starkenborgh, voor onze consul-generaal te Vichy Dr. Sevenster, voor de leider van het Office Néerlandais te Perpignan, de heer Kolkman en voor de heer Janse te Vichy en andere Nederlandse functionarissen bestemde post over de demarcatielijn te smokkelen, gelijk ik tot dusver regelmatig op al mijn reizen gedaan had.

Zodra ik in Nederland terug was, wendde ik mij tot Dr. Winckel, hoofdbestuurslid van het N.R.K., die mij verzekerde, dat door het Hoofdbestuur geen verzoek tot de Duitsers gericht was, om mij voortaan alle hulp te ontzeggen.

Bijlage D. Op 23 Maart 1941 meldde ik mijn wederwaardigheden tijdens mijn laatste reis schriftelijk aan het Hoofdbestuur in Den Haag, tevens melding makende van vorenbedoeld onderhoud met Dr. Winckel.

Bijlage E. • Het Hoofdbestuur antwoordde mij op 26 Maart, dat het inderdaad niet aan het Duitse R. K. verzocht had, mij geen hulp meer te bieden, doch dat het wel op 10 Februari 1941 aan het Büro für auswärtige Angelegenheiten te Den Haag geschreven had, dat noch door het Hoofdbestuur, noch door de afdeling Amsterdam mij enigerlei opdracht was verstrekt tot overbrenging van medicamenten enz. naar kampen in onbezet Frankrijk.

Bijlage F. jn mijn antwoord aan het Hoofdbestuur, gedateerd 29 Maart, vestigde ik er de aandacht op, dat mij door de afdeling Amsterdam wel degelijk zulke opdrachten verstrekt waren.

Bijlage G, Belangwekkend is het antwoord van het Hoofdbestuur, d.d. 1.4.41.

Hierin meldt dit, — met absolute negering van het onderhoud van 24 December 1940 — eerst in Januari kennis te hebben gekregen van mijn reizen naar Gurs. Tevens werd hierin, volkomen ten onrechte, van de veronderstelling uitgegaan, dat mijn reizen zonder kennis der Duitse autoriteiten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.