Pakkettenrapport Rode Kruis

Titel
Pakkettenrapport Rode Kruis

Jaar
1947

Druk
1947

Overig
Uitgegeven door het Nederlandse Rode Kruis, 1ed

Pagina's
172



IÖ2

dit bericht aan het N.R.K. in den Haag door te geven, hetgeen ik eind November 1940 gedaan heb.

Bijlage B. Begin December 1940 vond mijn vierde reis plaats. Behalve ten aancien van het overbrengen van medicamenten heb ik bovendien bemiddeld, teneinde de in-vrijheid-stelling van te Gurs geïnterneerde Nederlanders te bewerkstelligen. Bij mijn doorreis door België werd mij een nieuw aanbevelingsschrijven door het Belgische Rode Kruis uitgereikt.

In Nederland teruggekeerd, bracht ik, in gezelschap van Dr. Veld-huyzen, aan het Hoofdbestuur van het N.R.K. te den Haag verslag uit over de toestanden in de Zuid Franse kampen, enz. Hierbij waren o.m. aanwezig de eerste ondervoorzitter, Mr. W. J. Baron van Lynden, de secretaris-generaal H. H. Thoden van Velzen en Dr. Offerhaus. In deze bespreking werd de wenselijkheid besproken, dat ik voortaan niet meer namens de afdeling Amsterdam, doch namens het Hoofdbestuur, mijn reizen naar Zuid Frankrijk zou ondernemen. Echter werd voorgesteld, terzake met de heer van Waveren overleg te plegen, waartegen ik bezwaar maakte, aanvoerende, dat hij, zoals ik hierboven reeds aanduidde, door de voorzitter van het London-Committee niet betrouwbaar geacht werd. Het Hoofdbestuur bleek echter dit bezwaar niet te delen en zeide, de heer van Waverem volkomen te dekken.

Begin Januari 1941 vertrok ik voor de vijfde maal naar Zuid Frankrijk. Bij mijn bezoek aan het Office Néerlandais te Nice werd mij namens Dr. B. van Tricht een schrijven ter hand gesteld, waarin om toezending van bepaalde medicamenten verzocht werd, hetgeen hij reeds in November

1940 aan Dr. van Overeem gevraagd had.

Na mijn terugkeer had ik medio Januari in den Haag een ondejhoud met de heer van 'Waveren, hetwelk een minder aangenaam verloop had, aangezien het Hoofdbestuur hem ervan in kennis had gesteld, dat ik ongunstige, uit Londen afkomstige berichten omtrent zijn persoon had overgebracht.

Op 18 Januari werden Dr. Veldhuyzen en ik bij de secretaris-generaal van het N.R.K. ontboden. Hierbij deelde laatstgenoemde mede, dat het N.R.K. voortaan niet bereid was, mijn reizen naar Zuid Frankrijk te sanctionneren, tenzij ik schriftelijke bewijzen van toestemming van de Duitse autoriteiten zou kunnen overleggen, echter zonder aanduiding welke instanties hiermee bedoeld werden. Enige dagen later deelde de secretaris-generaal van het N.R.K. telefonisch aan Dr. Veldhuyzen mede, dat het Crisis Uitvoerbureau mij geen uitvoervergunningen meer mocht verstrekken, gelijk tot dusver regelmatig geschied was. Echter wist ik door bemiddeling van Dr. Hirschfeld te bewerkstelligen, dat mij desondanks bedoelde vergunningen verleend werden.

Bijlage C. Ondanks deze moeilijkheden vertrok ik begin Februari voor de zesde maal naar Zuid Frankrijk en wel met papieren van het Belgische Rode Kruis. Op deze reis bracht ik 10 kinderen vanuit Nederland naar Frankrijk over en tevens, zoals gewoonlijk, medicamenten, levensmiddelen en kleren, bestemd voor Gurs.

Mijn zevende en laatste reis vond begin Maart 1941 plaats. Voor het eerst werd mij door het Duitse Rode Kruis te Brussel gemeld, dat ik. alvorens mijn „Laissez passer” te kunnen verkrijgen, mij eerst bij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.