Pakkettenrapport Rode Kruis

Titel
Pakkettenrapport Rode Kruis

Jaar
1947

Druk
1947

Overig
Uitgegeven door het Nederlandse Rode Kruis, 1ed

Pagina's
172



xo7

,

dat voor pakjesverzending onontbeerlijke door uitgewisselden in Palestina opgestelde lijsten „op het Ministerie sinds een maand .zoek zijn”, of na allergekste misverstanden te horen te krijgen, dat de vertegenwoordiger van het Nederl. Rode Kruis de enige gift, die ooit uit Londen naar Zwitserland gestuurd is voor pakjes, meer dan een maand te voren ontvangen had, maar dit totaal vergeten had. Dat was de sfeer. Dat als Jhr. Flugi van Aspermont van het Rode Kruis sinds maanden rapporten stuurt betreffende z’n ploeteren voor pakjes naar politieke gevangenen, dat je dan plotseling uit Londen gevraagd wordt, of jij je daarmee kunt bezighouden in het vervolg, of als je schrijft, dat een aantal belangeloze medewerkers ondanks tegenwerkingen een kaartsysteem hebben opgebouwd, dat de reactie dan juist is, dat het Rode Kruis triomfantelijk met een briefje kan zwaaien: Wij hebben opdracht van „Londen” voor een kaartsysteem. Dat was de sfeer.

Dat je zeer vriendschappelijk en zeer hoffelijk (ik herinner me uit al die ellende niets onhoffelijks, tot m’n schande en spijt achteraf ook mijnerzijds niet) van „iemand met joodse vrienden”, de tip krijgt, het leed niet aan de grote klok te hangen, het „waardig te dragen” om geen onaangename reacties (sic) te verwekken en dat van dezelfde man, die twee jaar later, toen de overstromingen en hongertochten in Nederland begonnen, door een grootse, niet onverdienstelijke persactie zijn leed van de daken schreeuwde en toen plotseling ook de Joden noemde en al enige jaren bekende details over concentratiekampen publiceerde. Het was ontroerend. Dat was de sfeer. Dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken blijkbaar geen grotere zorgen had dan een werkelijk vlammend protest over te nemen van het gezantschap in Bern (de klacht over het gebrek aan initiatief is dus overdreven) tegen een zeer onschuldig stukje in „Vrij Nederland” dat men zich voor inlichtingen betreffende personen uit de kampen tot de Joodse Coördinatie-commissie in Genève kon wenden. Men moest alles aan de gezant vragen en die zou die vragen dan wel met die commissie behandelen. Tegelijkertijd kreeg die commissie een lange brief „op poten”. Dergelijke stukjes mochten niet voorkomen, aan het einde van de brief de clou, als de J. C. C. dit stukje niet geïnspireerd had, kon de brief als ongeschreven beschouwd worden. Daar dit toevallig het geval

- was, zou de hele zaak de J. C. C. grootmoediglijk vergeven zijn, ware het niet, dat „Vrij Nederland” boven het waardig protest een ietwat spottende kop had geplaatst. Niets heeft ons hulpwerk zo in discrediet gebracht en de heren zó geïrriteerd als dergelijke gebeurtenissen. Wat geeft het als je je als enkeling opwindt over de moord op millioenen, maar als je zelf op je tenen getrapt wordt; dat voel je.

Vervelend, belachelijk, onbelangrijk kunnen al deze feiten met reden genoemd worden, maar duidelijker dan een opsomming van wat er m.i. misschien of zeker had kunnen worden gedaan is toch geloof ik de hier gedane en langdradige en onzakelijke losse greep uit tal van pietluttigheden, die een indruk geven van de zorgen onzer autoriteiten op het moment, dat de concentratiekampen vol waren.

Als de sfeer nu eens niet zo geweest was, als ik haar hier met altijd tekort schietende woorden heb trachten weer te geven, maar als nu


Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.