103
in Londen op te nemen. Of dit ooit geschied is, is ons niet bekend. Wel hebben wij later vernomen, dat, indien de heer Ferwerda zich op dat moment tot de heer Tihucheff en mej. M. Bülbring (die Nederlands UNRRA-personeel wierf) had gewend, ons team hoogstwaarschijnlijk onmiddellijk in zijn geheel geaccepteerd en geëquipeerd zou zijn!
Begin Ju%i 1945: 40 mensen, goede werklustige arbeidskrachten, sedert 1 Maart gesalarieerd, sedert 1 September 1944 gebonden, zitten werkeloos in neutraal gebied, kunnen noch naar Oost-Europa noch naar Nederland, terwijl overal dringend hulp nodig is.
Hun lot is even nutteloos gebleven. Met veel moeite trof Dr. P. D. in Parijs nog de nodige voorbereidende stappen voor een collectief Frans visum en verkreeg toezeggingen en beloftes van de Ned. Missie aldaar voor hulp bij spoedige repatriëring — als groep D. P.’s........
Op 16 Juli 1945 (een vertraging ontstaan door gebrek aan medewerking van het Gezantschap te Bern, zie rapport over de Nederl. vluchtelingen in Zwitserland) vertrok de équipe dan naar Parijs om dus van daar uit gerepatrieerd en ontslagen te worden. Tegen alle uitdrukkelijke afspraken in trachtte de Missie*te Parijs, tezamen met de plotseling verschenen majoor Wijnbergen (Chief Military Staff Dutch Repatriation Service!) 17 mensen te dwingen in Parijs te blijven werken. Gezien de toestanden bij de missie aldaar (onbeschrijflijke chaos, onhygiënische toestanden in de D.P.-kampen, absoluut onvoldoende voeding en huisvesting, zeer onbehoorlijke behandeling en reeds spoedig duidelijke tekenen van geknoei overal) weigerden de équipe-leden deze werkzaamheden, waarvoor zij niet waren geëngageerd. Slechts een enkele is vrijwillig korte tijd in Frankrijk blijven werken, uitsluitend wie wist in Holland noch familie noch onderdak meer te zullen vinden. Enige onzer beste krachten (een arts, enige verpleegsters, ingenieur, administrateur, apotheker) hadden reeds vóór ons vertrek uit Zwitserland ontslag gekregen op hun eigen verzoek, daar zij — o.i. volkomen terecht — meenden na 10 maanden loyaal doch geheel doelloos wachten, beter en nuttiger hun eigen weg te kunnen zoeken.
Conclusie: een team van ruim 40 élite werkkrachten, in opdracht van het Regeringscommissariaat voor repatriëring geëngageerd en gedurende vijf maanden gesalarieerd (kosten ruim 100000 Zw. Fr.) is nimmer ingezet. Des te bitterder stemt dit na onze eigen ervaringen in Praag en na de klachten veler bevrijden uit Dachau en andere concentratiekampen.
Na vergeefs wachten op een Russisch visum vertrok de „Missie Boon”, bestaande uit kol. Mr. G. A. Boon, overste A. Hartog en majoor Dr. A. Polak Daniëls, op 16 Juni 1945 via Frankfort en Pilsen naar Praag, met een Tsjechisch visum. Zonder auto(s), ambulance(s), truck(s), personeel of materiaal. Kort vóór hun vertrek waren de S.O.S.-berichten van Prof. Meyers uit Theresienstadt over de radio opgevangen. Prof. Meyers met 600 mensen werden bij Pilsen in een kamp gevonden; daar wachtten zij reeds ruim een week en hadden het bizonder slecht. Er was geen Nederlandse liaison-officier aanwezig, hoewel Pilsen in de Amerikaanse zóne lag. Deze mensen werden door Dr. Polak Daniëls
2 dagen later met vliegtuigen naar Eindhoven gezonden, dank zij de