XIII.
HENRI DEKKING. - I. WINTERKONINKJE. -II. EEN BOEK VAN HENRI DEKKING.
I.
Men kan ieder werk van twee standpunten beoor-deelen. Van het hoogste, en van het meer publiek-tevredenstellend en oppervlakkige amusement-neigingen voedend, vulgaire léés-standpunt. — Veel menschen lezen om den, lichte genoegens koesterenden geest, ingespannen door zorgen en beslommering, vrij te maken van den zwaren ban der aandachts-dingen, zacht te verweeken in het zoet genot van afleiding״ Zooals een lichte sluier in een koel windje wiekt en flappert, zoo licht moeten de ontspanningsuurtjes zijn, die het moede verstand rust bezorgen als een fluisterend-zacht muziekje van wat wind-gemurmel en golfjes-geklikklak.
De mensch, af geslaafd door eigen arbeid, kan niet indringen in het werk dat groote ziels-inspanning. eischt en vooral geheele levens-overgave. Het beoor-deelen, van twee plans uit, verklaart de oneenigheid nu en dan, tusschen de voor eenvoudige genoegens en oppervlakkige afleiding lezende menschen en het oordeel der critici. — De meeste menschen psychologi-seeren niet, dramatiseeren niet met hun eigen ver-beeldings- en zielsleven. Uitblazen in de koele schaduw van een anders gedachten en gemoedsleven is wèl zoo makkelijk en lekker; een onbehoorlijke geestelijke vadsigheid. En dan, wat hebben de meeste lezers aan al dat "modern" gedoe! Veel afleiding-zoekenden vet-