DE ONGEWETEN DINGEN. i6i
gevoeligheid van deze verhouding is eigenlijk niet afzonderlijk in citaten aan te wijzen. Ze bestaat in ieder woord en men ondergaat ze onmiddellijk. Er zijn maar weinig schrijfsters die zoo fijn-menschkundig de karakter-ontkluwing van haar menschen aandurven. Haar werk beweegt zich altijd tusschen de spheer van het niet-en-wel-subjectieve; is warm, innerlijk doorstraald en tegelijk krachtig, rustig en strak. Ook in de schets ״Een pleit" is bij alle gewoonheid der situatie, de zieleverborgenis van de oude vrouw, die dag aan dag aan het raam zit en droomerig uitkijkt in een stille straat, de oude vrouw met haar jongste dochter, die het huishouden doet en haar verzorgt, iets als een geheim licht dat telkens door kleine kiertjes van diep levensgevoel op ons afschijnt. Ook in deze korte schets werd iets tragisch, nijpends en beklemmends aangebracht en zelfs in ״Eerste avontuur", waarvan de stof zich zoo geheel leende voor een koddig-comische karakteristiek van een meisje dat haar eerste wandelingetje met een jongen maakt, en dat een mislukt vrij-agetje lijkt, ook in deze schets lij kt de schrijnende psychologie van het meisje in hare teleurstellingen, naar het dramatische toegekeerd. Welke levens-overtredingen zijn er nu lichter en met dansender pas te beschrijven dan eerste avontuurtjes van een meisje en een jongen? Hij, een "knorhaan", zij een "snaartuig" dat trilt; hij een lummel, een kinkel, zij een bak- en platvisch; hij een dobbelaar in de eerste liefde, een slobberige Don Juan, die zijn meisje in plaats van in den maneschijn, in een Jordaan-steeg brengt; zij een meideke dat nu al de pijpen stelt, en terwijl zij zelf voelt nog niet droog achter de ooren te zijn, hém daarvan beschuldigt. Is dat nu een beweenbaar gevalletje? Het lijkt mij te kunnen knetteren van humor. Mevr. Boudier verlangt het niet, zij gaat ook op dit historietje, ernstig en tragisch in. En zij doet het meesterlijk. Niet minder is de dramatische kern zichtbaar in het stuk ״Slachtoffer", als een jarige