333
tegelijk. Hij wist zich wel opgenomen door al de heet-kijkende oogen, en toch, toch influenseerde hem dat kijken niet. Hij danste zoo los-lenig alsof hij alleen stond in huis. Onder den dans juist kwam Karel's vrije en natuurlijke elegantie uit, die hem zoo innemend en brutaal tegelijk maakte. Naast hem waren de beste Jordaan-dansers nog hompelaars op de hielen, schut-terig-plomp en onbeheerscht in romp-, arm- en handbewegingen. In Karei trilde de cadans van het lied mee; in zijn armen, beenen, romp, hoofd en handen werd de muziek lijn en stand. Alles in zijn gezicht was ontroering-voor-den-dans en muzikale vergeestdrif-tiging van zijn onbewuste natuur. In stomme spraak lichtten nu zijn vochtig-ontroerde oogen. Heintje Punt, nog bleeker dan anders, toch het fijne gezicht even doorbloosd van stille, opwindende verrukking, had de rokken een beetje gelicht en draaide in een kring, met breeden uitzwaai plots van haar hel-paarsen onderrok, zelf als een tol omwentelend, rond Karei. Haar guitig snuitje stond nu verstrakt-ernstig, terwijl haar slank lijf zich in wellustige bochten omkromde, onder kleine pasjes. Haar armen had ze fier de heupen opgekneld; het hoofd achterover, keek ze naar Karei óp, als in een hypnoze ademend. Mooie Karei, rustig-mimisch begeleidend haar dans, had zich even de broek van zijn heerig pakje bij de knieën opgeplooid, zoodat zijn paarse wollen kousen uitkleurden boven zijn bottines. Over zijn knap gezicht glansde nu een stilblijde, toch hartstochtelijk-ingetoomde verrukking. Hij was forsch en slank zoo, in zijn licht gedans. Er was snit in zijn sterke mannefiguur, en een lokkende verleiding in al zijn losse bewegingen. Zijn heele innerlijke wezen scheen dóór in den dans: zijn snel-beslissende originaliteit-in-doen; het zonderlinge mengsel van zijn droomerig-passieve, onverschilige rustig-