250
zoo koud-brutaal____ als____ als____ hijzelf!....
Donders! . i.. daar had je het. Die meid, die meid leek op hem! Jonge,.... hij moest zijn zinneloozen kop strak houden. Ze zou hem gaar zijn verstand bezetten. Die meid wou hem er onder hebben.... Eigenlijk had hij haar nog nooit belonkt en geen aardigheid toegeroepen, noch een snauw gegeven. Maar vandaag moest alles maar uitplooien zoo het waaide. Als hij haar hebben wou, echt en van verlangen ziek, dan zoti hij haar hebben; daar was hij zeker van. Vandaag een extra veeg over het snorretje; zijn abonnements-pakje aan, een los wit boordje met roode das... 1 gekloft als een kappersbaas. Het moest zonder veel spieën lukken; als het goed ging konden ze hem nog trakteeren en drinksel schaffen. Nou nog een echte ״menille" .... O! hij moest schateren om zijn eigen fijnigheid. Vandaag zou hij een buiten-modelsch kien in het slot steken, zooals hij er nog nooit een omgedraaid had. Dat was vist. —
Mooie Karei wist niets van Cor Scheendert's harts-toch voor zijn heele gedoente. Hij dacht van haar wat zij dacht van hem:.... dat ze eigenlijk heelemaal niks om hem gaf;.... dat ze veel liever een snurkert den handpalm wou bekriebelen van beter kom-af dan hij. Dat was geen lak gooien op de mooie meid, want zoo dacht hij er nou eenmaal over. En toch had hij niet in Corrie gezien, een vrouw die alleen hengelde naar een knip met rijksdaalders. Het brandde te diep in haar pratende oogen, het woeste verlangen, te willen léven in onbekneldheid. Hij voelde het wis.... die zou liever verhongeren op een morsig krot in de Strobossen-gang, dan fatsoenlijk te trouwen. Ze had bij Neel Terwee, haar vriendin, al zoo veel ongebondenheid in begeerige babbeltjes losgelaten. Haar oogen zochten naar het spartelende wijn-schuimen, zooals ze dat een keer gezien had in een groot Nes-Café-chantant. Die gouden