PETER KROPOTKINE 239
hij preekt opstand tegen wet, gezag en samenleving. Hij wil gewelddadigheid, uitroeiing en oproer. Hij is het koelzinnig opstandsbegrip... Hij is een vlam in een glazen kooi. Ge ziet vuur schitteren in zijn nabijheid, maar ge voelt geen hitte. Past op... straks roffelt deze heldhaftige de trom! Want ook Kropotkine kent de intensiteit van het nihilisten-afgrijsen, de verachting voor alle soorten hypocrisie, voor alle schreeuwerige eerediensten der Schoonheid. . .
Bakounine, de ontzettende, de bezetene, de razende, (mét Blanqui de type-samenzweerder), was de bagno-Goliath van den opstand. Kruitgeur rond barricaden bracht hem altijd één oogenblik narcose.
Kropotkine, de passioneel-gestaltelooze, is regelaar, registrator van den opstand.. . In hém openbaart zich werkende kracht van exacte hersenen.. . Hij denkt en weet vol-gepropt en cijfert moervast, en hij overwint in zichzelf menschelijken trots, verscheurdheid en latente driften. Hij brak met alle beschaafde leugens der conventie, uithoofde van zijn aristocratische eerlijkheid. Hij blijft onder alle omstandigheden, ontzettend oprecht en zuiver in zijn grenzenlooze opofferingen. Hoe naïef-innig is zijn psychologische karakteristiek van het diepste wezen eens nihilists! Welk een brok onschuldig-wetenschappelijk materialisme van het mensch-innerlijk en hoe ontstellend openhartig. Maar hoe sarcastisch-koud hoont hij valsche volksvrienden en hielenlikkers, sociale intriganten, phrazenmakers en op knaleffect-verzotte omwentelingsgezinden.
Bakounine was de vurige dichter van de geheime organisatie en van de barricade, de woeste, huiverend-vervoerde, de onverzoenlijk-revolutionaire Oost-Euro-peeër met zooveel fanatisch geweld in zijn dierlijk-ophitsend bloed, dat hij den West-Europeeër als een