* REMY DE GOURMONT, BALZAC EN SAINTE-BEUVE 187
slavenooren, dan nit de school der minne te klappen. Balzac heeft nochtans, volgens Sainte-Beuve, heel veel van een charlatan. De Gourmont alweer verklaart:
״Tout lui est bon pour déprécier Balzac et dans Balzac l'homme plus encore que l'écrivain."
Hoe verklaart ge zoo iets miskennerigs in een man als Sainte-Beuve (Lohengrin met een buikje), in een man met zooveel ingeboren wellevendheid en ridderlijke verlossingsdrift?
IX
Twee opmerkingen van Eemy de Gourmont tegen Sainte-Beuve, over zwijmelenden Balzac, zijn psychologisch voortreffelijk.
De eerste: Sainte-Beuve noemde het voortdurend trekken en reizen van Balzac, van provincie tot provincie, van stad tot stad, zoete berekening. Balzac zocht geen azuren hemelen, doch geld en succes.
Halt, snauwt pikante Eemy de Gourmont, geheel ongerijmd! Je begrijpt er geen snars van. Al ware het zelfs berekening, dan is het nog iets, dat juist Balzac's geniale natuur openbaart. Het eeuwige Parijs gaf Balzac nu eens niet als alleene plaats van handeling voor romans. Geheel Frankrijk koos hij, met alle milieu's, alle bedrijven en beroepen. Balzac ontdekte, dat niet Parijs het monopolie van den hartstocht had, — slechts bij tijden dat van den geest, — maar dat het vooral de provincie was, vaak verborgen, waar rijke, diepe en hartstochtelijke levens zich ontplooiden. Al sloot hij ook Parijs van de tragische geheimen der wrakken niet uit.
Voor De Gourmont heeft Balzac juist hierdoor de eenheid verwerkelijkt van de passie, de eenheid van de