150 GP.OOTE FIGUREN
dit luchtje1). Ook d'Aurevilly (helletrechter in de literatuur), die Sainte-Beuve angstwekkend en stom overschat, vooral als ״dichter", ziet telkens den chirurg in hem. Sainte-Beuve was immers een poosje carabin2). Het snijtafel-bezoek, het carabinschap van Sainte-Beuve, wordt door de critiek belachelijk uitgebuit en als daad van geestelijken invloed dwaselijk overschat. Vergelijk het hoofdstuk: Sainte-Beuve étudiant en médecine, in Dr. Morin's boek „Essai de physiologie médicale". Mij lijkt veel è, posteriori verwerkt omtrent dit jeugdfeit in het leven van Sainte-Beuve. Alles in hem, van zijn psychologischen ontledingsdrang, wordt verlegd naar en verklaard door zijn „éducation anatomique et physio-logique; son goüt pour la dissection..." Alles in hem is sectio cadaverus. Ook zijn weerhanerij? Wel is de opmerking:
„Ce qui le passionnait surtout, c'était 1'anatomie, la dissection, les autopsies"
karakteristiek, ook voor Sainte-Beuve's geestelijk wezen. Hij bleef autopsist, ook in de literatuur. Gourmont, hoe alweterig ook, is niet zoo veel-omvattend-historisch erudiet; niet zoo breed-grondig, niet zoo „ijselijk" labyrinthisch van vernuft als Sainte-Beuve, die overal het spek rook zonder er van te nippen en ook weieens handel drijft in heilige zaken, evenals Balzac. Maar hij is ook niet zóó omkeerderig en karakter-vervalsehend in levens- en geesteshoudingen. Hij heult niet met Saint