148 GP.OOTE FIGUREN
kundige hygiëne, eigen meeningen. Hij was ook de man, die met woede, bijna fanatieke drift, waagde te schrijven (godlasterend inwerkend agens):
״L'amour est profondément animal: c'est sa beauté".
Onomwonden stelt André de Eidder in zijn psychologisch zeer opmerkelijk boekje over Bemy de Gour-mont, vast:
״Deze studie van het dierlijke in den mensch, het menschelijke in het dier, getuigt van een grooten, geestelijken durf. Ze heeft Gourmont er aan gewend, de dingen uit de hoogte, van het universeele plan te overzien."
De Gourmont was geestig, nu ja, zeg romaansch geestig. O, lang niet zoo bijtend-leuk als Jules Eenard! Hij is stil-geestig. Fransche geest? Balzac, de sanguinische, is luidruchtig-geestig; laat den ״rire gaulois" daveren. Ook essentieele Fransche geest? Maar als menschenschepper, als dramaticus, soberder en stiller, weemoediger het hoogst-verhevene en het vreeselijk-tragische innerlijker belevend dan alle symbolisten, Parnassiens, romantici en critici op een Muit bijeen. Sainte-Beuve is soms stroef, streng-geestig. Oók essentieel Fransch-geestig? Sainte-Beuve heet een behendig naspeurder en ontdekker van persoonlijkheden; een karakteristiek ontleder (opwekker van Achilles-reflexen?) van temperamenten en zielsspasmus. Gourmont is pervers, snerpend, soms heel fijn-ontrafelend, bizar, snijdend, sarcastisch; een ingeboren ironisch-ÏTormandische eigenschap; levens-instinct van het ras. Kom hier, beeldspraak! Gourmont is ״lancet"; Balzac ״boor". Gourmont is een zaagje, een fijn figuurzaagje, tandscherp als kattengebit... ״naaldscherp" (beeldspraak!). Balzac zaagt als een armzalig zwoeger, zaagt dat het dreunt en het zweet hem van het gelaat drupt,