REMY DE GOURMONT, BALZAG EN SAINTE-BEUVE 135
Onder perversie en verfijning — ״la merveilleuse intelligence de Remy" — neemt liij de blonde-beest-theorieën (woest-Germaansche laagland-pbantasmen) van Metzsehe over en plant ze de latijnsebe aarde in. Er doorheen mengt hij een brok Baudeiaire-hoon en een luid-uit-tartend en duivelsch lachen van De Lautréamont. Ook laat hij wel, onder een dalmatica, het blonde beest opbochelen en krijten: er is geen God dan Allah !Helaas, veel werd in scène gezet en belicht met Bengaalsch vuur, ondanks de loochening van meneer Dumur1). Gourmont is een anarcho-aristocraat, een nijpend, erotomanisch intellectualist en een zenuwziek individualist, die opwinding evenzeer vreest als werkeelt-handen. Toch, deze zelfontleder, die zijn eigen hersenschors volkrabbelt met hiëroglyphen en oogknip-reflexen bestudeert, deze ironische bespotter en grillige hekelaar van kuischheid en religie, is sonoor nazinger van het kerklatijn, het mystieke latijn dat klinkt en dreunt als orgelmuziek, en verdiept zich wetenschappelijk-gram-matisch in philologie en folklore. Deze passieve modernist en zelf-kweller is dolgraag middeleeuwer; heeft minstens één uur per dag mediaevalsche koorts of wroeging2)-Zijn dokter, Paul Yoivenel — die een „Essai de physiologie littéraire" over hem schreef, — doopte Gourmont reeds „un sensuel cérébral", doch repte niet van zijn religieuse beverijen, soort morphinisme van den geest;
1 J In een opmerkelijk-spitszinnig geschrift over De Gourmont, van Legrand-Chabrier, heet het: „S'il est difficile de traiter Remy de Gourmont romancier, selon la normale acception du terme, il ne 1'est pas moins peut-être, et cela étonnera & prime abord, de le traiter de critique". Gourmont is geen letterkundig rechter; hij is uitsluitend essayist, meent Legrand-Chabrier.
2 ) Frans Erens achtte indertijd Gourmont's voortreffelijk en invloedrijk „Le Latin Mystique" niet veel meer dan christelijk-renaissancistische ijdeltuiterij. Plaats hier tegenover Alphons Diepenbrock's stuk over Remy's „Le Latin Mystique", N. Gids 1893.