345
en haar innerlijke ellende, als ze bedacht hoe ze Karei hebben wou en hoe ze zélf hem lokte en weer afstootte, niemand begreep en duldde ze beter dan Manus, In haar hartstochtelijke levens-uitbarstingen, wilde ze het geluk dadelijk, het geluk dat haar als mooie meid toekwam. Dan deed en zei ze malligheid, dan raasde en vloekte en sarde ze. Alleen Manus bleef wonderlijk rustig onder de stormachtigheid van haar verwenschingen. Hij raakte dadelijk de kern van haar wrevel en onrust, zonder een woord toelichting te vragen noch te geven. Hij deed het fel, kort, vlijmend en toch voelde ze warmte in den vijandelijken, bitsen, stekenden spot; nooit zuren haat, nooit wrok. En als hij loerde in het diepduistere van haar wispelturig, altijd hartstochtelijk, onrustig verlangend gemoed, dan wist ze... daar ga ik! Dat had ze bij niet één vent en daarom hield ze van den bochel, als vriend.
En zooals de onverschillige, toch stekelige levenswijsheid van Manus Peet haar heele wezen prikkelde, zoo prikkelde het haar oók te weten, hoe hij over haar dacht.
In het geheim genoot ze heftig, dat ze zoo een sarcas-tischen duivel van een vent, tot een soort van verraad had gebracht tegenover Joden Jet,... die Corry al heviger begon te verafschuwen,... door voor haar het niet betaalde goed te bergen. Was het niet om te schateren? Zij, een doodgewoon niesse, zonder suikermondje, gehaaid en brutaal, ... zij had Bad-Aap er toe overgehaald haar ondergoed te bewaren! Nou parlevinkte hij altijd van... rékenen mot je,... anders is alles waterverf!... rekenen meid,... 't heele leven ... rekenen... en geen asempje voelen,... je knar, je koude knar gebruiken,... anders niks!... Nou brak haar pijp!... haha!... hahaha!... haar ondergoed! ... door den bult verborgen... en boven zijn plafond, ... Jet, met haar snuffelende neusgaten ... die het soepje niet rook! Zoolang ze thuis sliep durfde Corry het goed niet meenemen, al werd ze zoo slim en gis als Piet Osselap. Wanneer Nel, haar moeder, het ontdekte... ze rukte het aan flarden, dat er geen draad aan heel bleef. Met een zwaaislag zouden de zenuw-pezige handen op