229
de deur voor haar openduwde en beleefd zijn hoed afnam. Corry rekte zich uit; heerlijk slank en blank ging ze den verliefden student voorbij. Ze was met een katzacht sprongetje over de slungelige beenen van den zwaar-snorkenden baron heengewipt en nog éven ving ze óver het hoofd van Harry, den brandenden blik van den athletischen neger, dien ze met een lief lonkje duizelig achterliet.
V.
Eenige nachten later kwam Corry weer op d'Alham-bra-kleedkamer der chanteuses. De zaalbaas had haar verlof gegeven. Ze kon nog niet besluiten de bühne te beklauteren. Ze genoot in de voorbereidende gedachte dat ze het doen zoü. Den mallemolen van haar fantasie blies ze weer in gang en nu wentelden de aanlokkelijkste tafreelen voor haar oogen om-en-om. Ze zag zich zitten in een prachtig rijk huis en liggen in een verrukkelijk eenspersoons ledekant. Ze hoorde zich door voorname stemmen bevleien en smeekend toegesproken. Niets mocht gewoon gaan in haar overgang van Jordaanmeid naar maintenee. Als de werkelijkheid haar begeerlijke droomen sarrend uitfloot, zou ze liever een del blijven van den Zeedijk, onooglijk en publiek afgeranseld, dan een tweéde plaats in te nemen op de vlakte. Ze moest langzaam het genot proeven van te worden losgeweekt uit de rottende, armelijke Lindestraat en te worden overgeplant in de Nes. Ze haatte zoo diep de afgepaste week-centen van haar vader en het angstige natellen om uit te komen, van haar moeder. Ze verafschuwde zoo hévig het broeische bed, het gekijf der vuile wijven, den trappenstank. En bovenal... het wérken, het vaste, plichtmatige, zware wérken, dat je leelijk schuurde en vergrauwde en zoo aftobde! Ze minachtte de eerlijke en openhartige dalles van haar !moeder en haar uit-den-naad-loopende
Dalles: armoede.