205
haar machtswil. Onder het woelend getast van de negerhand was Corry's haardos over de schouders losgevallen, als een neérgesikkelde korenvracht, één glansgoud, doorschenen als schildpadden of hoornen kammen. Voor het eerst zagen de kerels haar diabolieke bekoring, haar moed en wellustige heftigheid. De blonde reus jü-belde om de worstelende meid; de andere heeren juichten haar toe. Harry was naast haar gesprongen en de automobilist in het flanel riep opgewonden Greta Fucht en Whiskey Soda erbij.
De neger raakte al meer van streek onder het diepe fluweel-goud van Corry's oogen, het tartende Iichtgetin-tel er in en den zwoelen vrouwengeur van het losge-strengelde haar. Zij voelde de vreemde bezwijming van den zwarte en plots klonk een wangslag, smakte ze hem met een wilden ruk van zich af. Ze lachte in een woeste vlaag van triumf en een donderend hoera-geschreeuw van de overvroolijke heeren brak om Corry los, boven het bewonderend ontzag-gemornpel der bühne-vrouwen.
De baron keek onthutst op. Madame Maas fluisterde hem schichtig iets in en hij kuchte naar zijn knecht. De neger verstond het sein: vérder gaan. Hij herademde. Want hoe sterk dit blonde wicht ook weerstreefd had, met één armdraai lag ze geknield onder zijn zwarte oogen en onbeweegbaar vast in den woesten greep van zijn geweldige handen. Dit vertelde hij Corry, met de lichtende drift zijner ongetemde oogen, terwijl hij haar nu, vreemdlachend en onder een buiging de losse roos aanbood. Zoo, en niet in het haar, wou ze de bloem wel hebben en ze rook er heel lang in, Harry, den blonden reus, den baron, de gasten en al de meisjes lachend en spottend aankijkend. Corry voelde zich ademen in een soort van over-v־׳innings-roes. Dat losbandige stel had ze toch even een lesje gegeven. En wat er nu om haar heen gebeurde, het roerde haar geen seconde. Ze bleef gedachteloos en onbewust voortdroomen op den wellust van haar verzet-daad, trots, dat ze het laffe gegichel van al die fleemende en