83
waar alleen het kleine hoofd van uitstak bóven de vet-muren van een tweede omgroeid schepsel, dat in zijn wanstaltigheid het lenige vrouwtje belette te verschijnen. Zoodat Madame Maas' lieve, kleine, gekapte kopje met de kleine oogjes en kleine oortjes leek te ademen op een tengere gedaante, fijn als het hoofd, de oogjes, het neusje en de oortjes.
Madame Maas was voor eigen bewustzijn hoogst eerbaar en duldde niet de geringste sarcastisch-spottende toespeling op haar fatsoen. Ze voelde zelfs veel voor do-minee's en pastoors. Ze koesterde zich stilletjes in de bekrompen conventioneele deugdmoraal van hun kerksch woord, al meende ze dat de toepassing van het fatsoen alleen geldig bleek voor haar eigen kroost. Met de ״dellen" deed ze slechts „zaken". Deze vunzige vrouwenwaar genoot onder haar hoede nog de meest onschuldige pleziertjes. Merries en meisjes bestonden er voor haar. Meisjes waren haar dochters; de meeste andere kinderen van het „vrouwelijk geslacht" ... merries! Wie er onder dit schel leven eerbaar wou blijven, meende Madame Maas, kon zich een deugd-schild smeden in de school harer levenswijsheid. Zij zélve gaf in haar établissement nooit gelegenheid tot ontucht; maar wel prikkelde ze de bezoekers tot „uitkoop" der mooiste vrouwen, om een „plezier-nachtje" door te maken. En giftig-heete woorden sputterde haar kleine mond als de meiden weigerden of „kapsones" zochten. Tegen finantieele „schaai" kon ze niet; dan dreigde zij d'onverschilligen met ontslag of boete. En al duldde Madame geen onzedelijke gedragingen, van pret en snakerij hield ze veel. Dadelijk had ze de instuivende bende als goedaardige, lachgrage en royale kerels gekeurd, waar een bom van te halen viel.
— Muziek!... muziek!... schreeuwde de blonde reus die Maggy met stoel-en-al van de bühne den pretkring had ingedragen. Tegelijk brulden al de anderen om wijn
Kapsones: in dien zin: kwesties opwerpen.