strakst-gespannen hevige mentaliteit; de mentaliteit van een menschenkenner, vaak -verachter, vaak -ontleder. —
Ik geloof dat hij het somber-schrikwekkende snuit van een Sjoeli-neger liever ziet dan de patserige welgedaanheid van een Europeesch wellusteling. Toch botviert hij zijn haat op zoo'n kop, met zijn genotsgroeven, zijn weeldeplooien en huidtatoueering. Iets van Daumier gift er in zijn sarcastiek; alleen Daumier was veel objectiever en soms grooter handwerksman.
Sluyter's verheviging van de kleur is somwijlen zijn zwakste eigenschap, omdat ze wel laat vermoeden, hoe 't binnenin gloeit van licht in deze hartstochtelijke ziel, maar niet laat zien hoe dat innerlijke gloeien is. Er is geen afnaveling tusschen zijn werk en zijn leven. Vele der werken zijn omkermd van geboorte-weeën. — Ge hoort veel meer 't schreien der ziel dan de overwinning op de materie van den schepper.
Toch, in een schilderijtje als de Pont Neuf, in kleine boschlandschapjes, in dat groote brok stadsgezicht heeft hij bereikt. Prachtig is daar de golving, de vibratie der kleur, een lichtbetoning en accentueering, wonderlijk-mooi en dynamisch ook zoo sterk van techniek. — Zijn ultramarijn-paarsen hebben een angstige diepte van gloed. Hij dramatiseert met zijn kleur-accoorden. Schreeuwend,