!8 7
moraliteitjes. Gebruik de clysteer-spuit als ge uw ingewanden al te oproerig hoort rommelen; laat dezen grooten roofjager ongemoeid, want zoo ge 't denkt schuw met hem eens te zijn ... ״ook gij zult hem, eer de haan tweemaal gekraaid heeft, voor uw snoeperige familie- en vriendenkring, al drie maal verloochend hebben. — Slechts dit luttele tragische verschil: Nietzsche sleept geen kruis, het kruis sleept hem. — Wilt ge hem toch naderen en in de groene oogen staren, bedenk dan dat heel deze verheerlijking parallel .loopt aan zijn anti-moraal,anti-christelijkheid, anti-proletarisch-, anti-gemeenschapsgevoel. — Het is de zelf-vergoding van den on-opgesmukten, pees-naakten individualist, doorgevoerd tot de verste, de aller-uiterste grens. En in deze doorvoering juist vertoont hij een ontembare heroieken durf, gaat hij oprechter en duizendmaal stouthartiger tot het leven in, dan vele nederige nakwezelaars van Thomas a Kempis' goddelijke ootmoedigheid, of dan pessimistische indivi-
dualisten van het Ibsen-slag.
III.
Bij wijlen haat ge dezen man hevig en ontembaar. Ge hebt een bedwang noodig om hem niet te beschimpen gelijk hij 't anderen doet. Ge hebt neiging hem met zijn eigen moordtuigen te folteren of dood te knuppelen. — Gij