I4i
la distribution de ses matières qu'en son aspect gra-phique. Ainsi un memorandum daté 1830״" s'y présente bien après les plans de la Peau de Chagrin et des Deux Rencontres, qui sont de 1830—■ 1831, et même après une allusion a la Chartreuse de Parme, parue en 1840; un programme pour 1836 s'y trouve encadré entre un programme pour 1842 et un autre pour 1847.". — De verstrooidheid en nalatendheid van Balzac bemoeilijkten bij de stof-ordening ongelooflijk. De heer Jacob, expert, deelt ons b.v. mee, dat in 1840 Balzac hem een lijst van de chronologische volgorde zijner werken had toegezegd. Lees nu Graaf Spoelbergh's opgave en diens prachtig-nauwkeurige annotaties, en ge bemerkt hoe ongegeneerd Balzac met data van uitwerking en verschijning is omgesprongen. Veel is min of meer gefingeerd. Het kostte Crepèt enorm hoofdbreken, onder zulke omstandigheden vast te stellen, wat, ook in dit album, tot bepaalde werk-tijdperken behoort, Ten slotte is 'them gelukt, na te hebben doorworsteld en steeds onderling vergeleken, de vier-en-twintig 80. deelen derz.g. definitieve uitgave, zonder de „oeuvres diverses" noch de tooneelstukken over te slaan. Vervolgens pluisde hij de correspondentie en de „lettres a 1'Etrangère" na en toetste de uitkomsten van het geheel aan de tallooze werken waarin Balzacs leven en geschriften worden