387
— Jan Scheendert ontmoette Peet er altijd, —dat het socialisme een verburgerlijkende rotzooi,steunpilaar van het oorlogskapita-lisme; een broeischevermoddering van proletariërsleven was; dat de beweging van de politiek-parlementaire actie, ieder revolution-nair streven verlamde;dat de democratiseering der omwentelingsbeginselen niets bracht dan een slap, misselijk, verpest en ontaard brokje verkiezings-taktiek; leugenachtig verraad en laaghartige agitatie van groepjes-leiders, die elkaar het licht niet in deoogen gunden. Ook Manus voelde nog zeer veel voor de hooge, groote en idealistische schoonheid van de anarchistische levensleer; voor zelfvernietigende en opbouwende kracht, voor Kropot-kin en Bakoenine. Doch zijn nijpende geest remde. Hij rilde van despoten uit ״vrijheid" geboren. Toch trof het Manus, hoe vurig en met wat dwepende aanhankelijkheid er onder de Jordaangroep-arbeiders, over Domela Nieuwenhuis gesproken werd. Peet had hem maar tweemaal gehoord op vergaderingen, doch veel van zijn schrifturen gelezen. Ook tegenover dezen man stond hij als tegenover alle anderen: vrij van invloed en vooroordeel. Manus begreep luttel van de bijna bovenmenschelijke vereering voor Domela Nieuwenhuis. Misschien omdat hij hem niet had zien worstelen in zijn opkomst, tegen zijn schimp- en vloek-vijanden. Toch voelde Peet, dat hij moest oppassen voor een eenzijdige beoordeeling van zulk een figuur. Want Domela was een der velen onder de socialisten, die volstrekt door geen oorspronkelijk-geestelijke grootheid uitmuntte, doch veeleer door zuivere propagandische daden. Zijn daad, dat was zijn persoon, en voor de daad van Domela voelde Manus wezenlijke, ontstelde bewondering. Ook Mevrouw Holst, had hij vernomen, was voortgekomen uit een rijken kring van notabele menschen. Hij kon zich voorstellen hoe dat breken met haar omgeving, deze tragische vrouw vergalling van haar levensvreugd moest hebben gebracht. Maar zij, en alle medestrijders, waren tóch nakomers. Want de groote éérste daad van het breken met omgeving, was in Holland, door Domela verricht in eenzaamheid. Toendertijd