189
Maar er hielp geen lieve-moederen aan. Hij stapte en hij ging. En knars, daar werd hij opgesloten in een klein combuisje en de baas-timmerman moest wacht houden.
— Een blankgeschuurd scholletje a-je die vliegerik steune laat!... gierden zij.
— Van mijn spekkertje, 'n goud maffie of 'n pot lood d'r bovenop!... kreet de tremmer.
Baas-timmerman lachte tegen heug en meug, maar bleef strakker en bangelijker het hutdeurtje beloeren.
's Avonds om tien uur mocht de slemiel een uurtje uitmuffen. Maar den volgenden avond al, slopen de maats in den stik-donkeren nacht met een eind touw naar het sloependek en lieten het vieren strijkelings langs de patrijspoort. En waaratje, de knul greep beet, klom er door, en wèg was de kneibel met de koler. Om tien uur kwam schaap-onnoozel de baas-timmerman aanzetten, om zijn beestje te laten luchten. Maar jawel, de vliegerik was gevlogen. Al zijn goed dat hij achter moest laten, hadden de maats onder hun eigen kleeren aangetrokken om ze hem later te langen. Want zoo onzichtbaar voor het front, een pak kleeren meenemen, neen, dat speelde geen sterveling klaar. Zij wisten om-en-de-bij waar de matroos zwierf en toen ook de maats aan wal stapten, brachten zij hem heel zijn ״infetaris" in een café. Daarna spankerden een man of vijftien. Den volgenden morgen kwam de tweede machinist torntoe maken: het was tijd om te peezen. Maar zijn smoelement trok scheel van schrik toen hij zag dat er maar vier maats waren overgebleven. En hoe dol toegetakeld! Jan Gouwenaar en drie andere maats hadden zich aan wal den knar kaal als van een zuigeling laten scheren. Een smalle, groene, papieren muts rees schuinhoog boven de ooren en op de strijdhaftige lendenen hadden zij houten sabeltjes gespijkerd. En zoo stapten zij met belachelijke hanen-fierheid op hem af. De kerel vloekte als een bamboe, maar ook zij barstten uit:
— A-jij nou geen dik gesicht wil hebbe, slingerlat,.. dan mot je gauw make dat je 't foksel uitkomp ...
Koler: trein. — Torntoe: controle oefenen. — Dik gezicht: slaag. — Steunen : ontvluchten — Torntoe: een kleine inspectie.