De Jordaan, Manus Peet

Titel
De Jordaan, Manus Peet

Jaar
1922

Overig
4ed

Pagina's
573



146

nacht op schaatsen zoo kanteldun als een messenrug. En niet eêr verdween hij van de baan, of de boel moest stukgereten liggen en weer tot open water bevaarbaar. Over windijs waagde hij de hachelijkste tochten, uren lang. Hij had over scheuren-op-afbreken gerend, was door bijten heengezakt en had tusschen losse schotsen in verdrink-angst liggen spartelen. Niets scheen hem te hinderen, want een dag erna kwam hij weer even ongedeerd, brutaal opduiken uit alle gevaren, alsof er niets gebeurd was.

Zijn sneeuwballen-gooien werd zoo berucht in de buurt, door een soort van methodisch bombardement, dat meisjes noch vrouwen het Karthuizerplein, bij de Lindenstraat, langs durfden, als Bromtol er met zijn witte grenadiertjes ״keiharde" rond te hagelen stond.

Op zijn tiende jaar leek Dirkje als sneltolier en clownesk stuiteraar, als deurvastbinder en bellentrekker volslagen uitgeleerd. Ook de koene hoogklimmer Dirkje verkreeg een ijselijke reputatie. Geen jongen waagde zich zoo hachelijk op de nauwste dakgoten. De moeders uit de buurt rilden van angst wanneer zij hem zagen klauteren of hangen over den hijschbalk, of met een klapzweep hort-hort hoorden spelen tusschen snijïng en goot, omdat hij daar een paard bereed. Zelfs de dienders, die hij met Hollandschen straatjongenshaat verachtte, keken verbluft terwijl hun wimpers beefden, naar een zoo schelle waaghalzerij. En wanneer zij hem dan toeriepen, dat hij onmiddellijk naar beneden zou stappen, dan klonk vanuit de hoogte, tusschen het zweepgeklap en het: hort-hort-paardje, snerpend zijn tartend-fijn fluiten; zijn onverschillig, om-geen-duvel־of-dood zich bekommerend fluiten.

Thuis vloekte hij als een „manskerel", zooals zijn doldriftige moeder Nel beweerde. Zijn zachtzinnige vader Frans bleef hij geheel en al den baas. Dien ergerde hij wel met zijn vleermuizen-martelen en zijn sprinkhanen-ontvleugelingen, in den zomer, maar Bromtol lachte om al de loome vertelseltjes die zijn vader hem waarschuwend deed. Jan hinkendepink, noemde hij Frans Leerlap spottend.

— Jan hinkendepink heit 't woord,... zei hij ironisch,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.