112
Je droeg het juk des Heeren in weifel looze onderworpenheid. Schonk dat gemoedsrust? Maar zoo was gemoedsrust niets dan een ontvelde hartstocht, een beverig, bleek, bang en snik-kerig terugschuifelen naar de verantwoordelijkheid van eigen wil en eigen drift. Doch het allerschrikkelijkste, een waar dui-velsgezicht vond Manus het, de menschenliefde te hooren prediken door schepselen ziedend van zwarten haat, zoowel bij kerkelijken als onkerkelijken, zoowel bij godvruchtigen als bij stof-geloovers.
In het schuchter-glanzige, met zachte schaduwen ombeefde licht van zijn groen-omkapt petroleumlampje, bestaarde Manus de oudgele, smeekelijk-kreunende bladzijden van zijn boekje, waarin het leven van den Windesheimschen monnik deemoe-diglijk stond uitgesproken. Door een geheime fluistering van nabije stemmen doolde Manus terug naar den benarden tijd van den goeden Thomas en naar d' omgeving van dezen stillen en schroomvalligen kloosterling, die in zijn vrome vereenzaming, in zijn schemerende cel, voor zichzelf zijn mijmeringen onder heilige rillingen biechtte. Manus begreep, dat deze kanunnik het afgestrakte aangezicht van de leden der broederschap des gemeenen levens niet zoo schamper overviel met bitse ' en uitscheurende hekeling, en hun bid-oogen niet zoo vervolgde met verborgen bespieding als hij het zijn Rottennest-kornuiten deed. Thomas a Kempis had gedaan wat anderen vóór hem wilden: de Christelijke moraal zuiveren van alle besmettende levenslaagheden. Na stille uren drongen zij samen uit allerlei abdijen en conventen, uit allerlei kloosterlijke hallen en óp-schemerende nissen. Zij groepten bijéén uit statige binnenpoorten, beschaduwde kruisgangen en fluisterstille gewelven en cellen. In de vereenzaming van zijn eigen kluisje hoorde Manus ze nu krijten om reiniging, om ziels-zuivering, om genade. En hij hoorde ze roepen, schreiend roepen: leer niet met e mond, maar leef met je hart. Het werd bekend uit alle zegelen en brieven, door het eentonige gezang van lier en doedel.
lederen avond weer, in de suizende rust van het Jaagpad,