:394
Consolidated Mines Ltd. al hijgde... wat benards geschiedde er dan wel met hen! Ach, konden ze toch maar zes guldentjes wekelijks uit de steunkas putten... de koopluitjes van de groote en kleine Beurs... Ach, ach, deze zielige clowntjes van nijverheid en Lon-densch Syndicaat lagen op hun achterwerk te spartelen...
Robert zag niets meer om zich heen. Hij sprak levendig, sterk, suggestief. De afgemetene ontlaaide onverwachts een vurig intellect, nu hij de droeve be-narringen der kleine Joodsche koopmannetjes, met kaaliplukkenden humor kon hekelen, zonder één lach-plooitje.
Jonas zat ontwapend, verstomd van zooveel welbespraaktheid en schuttersmoed, die ,,zoo maar" uit dien engen vent opborrelden.
Moro glimlachte ellendig-zalvend er tegenin, van binnen woest-verrukt, alsof hij het zélf klaarspeelde, en liet zijn neus akelig adem-opsnuiven.
Bernard van Beem schoof en woelde onrustig in zijn fauteuil.
— Als je me nou!... mompelde hij.
Bernard van Beem hinderde de valsch-feestelijke luister, die er blonk in Van Nienhuizen's stem.
En Leo, Mr. Leo floot ongeloofelijk zacht en keek geïnteresseerd naar zijn zwijgenden prachtvader, die in lengte, hoog in de taille, breedgeschouderd, boven al deze eigenwijze, bekrompen-vrijzinnige, grijzende of kaalschedelige rijkaards en geëmancipeerde Joden, uitstak. Hij stond er zelfbewust en fijn-zinnens, als Mozes op Choreb, deze Henri ben Sallie... Ja, heel vaag en heel zedig-verborgen in zichzelf, bekende Mr. Leo: ik houd tóch wel een aasje van den stoeren oude, al pést ik hem graag. Wat een instinctieve vent toch, met al zijn diplomatie.
Robert's stem korrelde al droger af. Hij bracht nog eens in herinnering den toestand der kloovers, even vóór 1914; dat deze heeren, al zoo jammerlijk verdrongen door de zagers, toen eigenlijk tot het lompen-proletariaat waren gaan behooren! De aristocratie, de titelprent van het vak, stel je vóór... door den ruw-