Het Volk God's, van Armen en Rijken

Titel
Het Volk God's, van Armen en Rijken

Jaar
1931

Druk
1931

Overig
1ed 1931

Pagina's
511



:334

vond dit heel gewoon in de menschelijke natuur liggen. Al snoof hij als betoeg man, aan een reukflacon, voor de fabrieksgasten bleef hij eeuwig collega. Afstand schiep Jonas alléén door meerdere kennis, niét door positie en rijkdom. Maar toen Siegfried-met-de-heldere-oogen, en met de rhythmische aaneenschakeling van kil-deftige-woorden-tot-één-toon, opgroeide, de zaken alzijdig en grondig leerde, zich met zwaarwichtige, erfelijke autoriteit mengen ging in heel de interne bedrijfs-regeling en alles begeerde te mechaniseeren, protesteerde hij scherp tegen zooveel stuitende werklieden-familiariteit op kantoor, jegens zijn standing-loozen vader; smeedde hij zijn legendarisch zwaard. Eerst met een kalm glimlachje en uiterst beleefdheids-vertoon salueerde hij naar snijders, kloovers, slijpers. Toen koud en vernederend geglimlach en vormelijkheid niet hielpen, dwong Siegfried Jonas zichzelf te veranderen. De juwelier stoof stikwoest op. Bleek trok zijn gezicht als kalk. Hij barstte los*.

— Zeg ereis snotneus,... dat is niet pour le chat! Wou je mijn wette stelle?... Heb ik hier zooveul as 'n eerepos?... Wou je mijn obselveere?... Noh... dat mankeert er nog maar an!... 't Onweer van de lente!... Ikke, die alles bij elkaar heb gebrach... ikke, die de heele zaak heb gemaakt wat ie is... die zandklein en

zükke kanjers heb geslepe...... Bin jij de parnas

hagaudesch hier of ikke nog?...

Ën Jonas bleef bulderend razen, een kwartier lang, omdat hij zich in zijn menschelijke ijdelheid, diep gewond voelde door den ijzigen trots van Siegfried, die den gronddrang van zijn koesterend gevoel voor werklieden nimmer vermocht te begrijpen en in zichzelf verstokte. Laatdunkende, gloedlooze Siegfried liet de onstuimige verwijten van hijgenden Fontein over zich heen gutsen; bleef koel, star, ijzig in zijn beschouwingen volharden. Al dat driftig woordlawaai, die wervelstorm van stikwoedens, lieten zijn kil bloed onberoerd; verzwaarden zijn hartniet.Hij zag er in: zaken-hysterie; anders niets. Ontsporing, felle doodsangst voor ondergang en verbrijzeling, bij verschuiven van het wortelennet! Die benauwenis alleen ontwarde een duis-

Parnas hagaudesch: bestuurder, bevelvoerder.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.