:281
en zuinig bestaantje. Wanneer hij ״doorstudeerde", zélfs met behulp van een beurs, zou het nog altijd ellendig schraaltjes blijven. Eén onberadenheidje slechts... en kromliggen van zijn zielszwakke ouders voor een miezerig-kaal Jodenstudentje zou het gevolg wezen. Wat beurde hij er uit? Nijpende, beleedigende afhankelijkheid van meewarige vrienden en kennissen. Bovendien, Henri voelde onzeggelijk veel voor de winsten-brengende aantrekkelijkheden van den handel. Hij hunkerde naar het bezetene avontuur erin. Hij zwol van geluk, bij de gedachte dat hij ééns grootondernemer kon worden, onverschillig in welke branche. Alles schakelde zich saam. Hij behoefde, in handelspractijk, toch nog geen studie te veronachtzamen. Hij voelde er niets voor, een dorre, arme, barsche geleerde te worden. Het bloeiende leven greep hem te hevig en te stoeisch. Hij minde het gevaar der speculatie's. Op school had hij altijd met ae scherpzinnigste leeraren over zwaar-ingewikkelde, economische problemen gediscussieerd, doch dissociatie verafschuwd. Het eerlijke winst-principe beheerschte al zijn inzichten. Hij voelde zich, in zijn onaangetaste grondeigenschappen, diep-inwendig, allereerst zakenman en geen studiemensch. Het was een onverzadigde misvatting van zijn leermeesters, hem als abstracten studiekop voor te stellen. Zakenman was hij en niets anders. Hij wilde geen prof. worden in economie en sociale wetenschappen of in de medicijnen, maar zélf groote affaires beheeren. Hij zou, zou slagen. Hij ademde onder de gunst der Voorzienigheid. Economische problemen in de practijk oplossen, bleef zijn eenige, diepe, jagende levensdrift. Henri begeerde, zóó van school, zelf geld te verdienen, hoe luttel ook. Hij hield niet van armoe, van kleverige nooddruft; van koollucht en trapburen-vulgariteit. Alleen zijn mooie zuster Judith lachte hem toe; keek diep en lang zijn oogen in, van hoogen, ondoorgrondelijken trots. Die, die alleen begreep zijn afweer-van-studie. Wég roeien zeilpartijen met studenten; weg Theses, Disputa-tiones, drinkgelagen en Alma-Mater-allure; wég flirt en minkoozerij.