Het Volk God's, van Armen en Rijken

Titel
Het Volk God's, van Armen en Rijken

Jaar
1931

Druk
1931

Overig
1ed 1931

Pagina's
511



:277

iedereen moest weten, dat Henri een ״epopt" was... warachtereschrot... Fiat! Vóór ze vroegen wat het beteekende, had Sallie zich met een Joodsch geintje al uit de voeten gemaakt...

Henri's eindexamen bracht hem nieuwe, overstelpende glorie. Leeraren en directeur erkenden volmondig zijn uitblinkerij. En niét op het achterschutblad van het rapport! Henri was wérkelijk een unicum: in bijna alle vakken. Een unicum, en toch niet overdreven, door dompe blokkers-studie, of pedant, eigen trots bezurend. Integendeel, hij bleef een charmeur, een sterk gymnast, een lieve, fijne, beminlijke jongen die de donkere of blonde wrong van alle mooie meisjes in de war stoeide; op wien ze allemaal dol waren. Maar die toch ook zijn stille avonduren van stemmelooze, vervluchtigende mijmeringen had, zonder dat d'omgeving het merkte. Henri was lang, zeer slank, met wonderlijk blauwzwart haar. Er vonkten altijd licht-stippeltjes in. Hij geleek zijn mooie moeder, maar geestelijk fel-ver-scherpt, in iederen trek en in heel de gelaatsexpressie. Hij bezat het zelfbewuste, dat zijn blank en fijn gezicht een eigenaardige fierheid gaf. Ook zijn lichamelijke kracht bleek ongemeen. Henri hield van sport en monkelende vroolijkheid. Hij gruwde van plechtigen, zwaar-op-de-handschen ernst en neerslachtigheid. Hij haatte het dorre, het antivitale, het kniezende en grienerige, al waren de omstandigheden thuis nog zoo bekrompen. Want hij zou alles veranderen en met liefde verdienen voor héél het gezin.

Voor allerlei groepjes, meisjes en jongens, dichtte en schreef Henri tooneelstukjes, met de wonderbaarlijke behendigheid van een kersenplukker. De aanbid-stertjes doopten hem teederlijk Adonis, en toch had hij niets verwijfds of meisjesachtigs over zich en werd hij nimmer in hun bedriegelijke valstrikken gelokt. Henri's stille glimlach bleef echter een geschenk. Hij proefde enkele zoete lipjes van uitverkorenen, maar altijd fijn en lichtelijk-bedwelmd onder schuw geluk en zalige schaamte. Ook hij schreef verzen op gouden haren, op vlinders, op balsemende oogen, op Meiazuur, op lentebloesemingen, op trouw-in-eeuwigheid!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.