:269
verblufte op het kantoor-kapitool, was Van Nien-huizen's kennis van Beurs en Beurs-toestanden; van groot-industrieele ondernemingen, van hypotheken en obligatie-leeningen, maar vooral van credietwezen in de diamantindustrie; waren zijn stoutmoedige, geheel oorspronkelijke gevolgtrekkingen, in verband met allerlei bekende bankinstellingen. Onder en tusschen het zaken-doen, verzeld van ontelbare vakkundige raadgevingen, werden deze intermezzo's van zoo boeienden aard, dat allerlei groote buiten- en binnenlandsche, zelfs isegrimmige kooplieden, juweliers, commission-nairs en makelaars in geslepen goederen, soms alléén een halfuurtje Rozenheim's kantoor inliepen, om Van Nienhuizen te hooren ,,loskomen", al werd deze wel eens plotseling, onder zulke verbijsterende belangstelling van toch grove geesten, — naar hij Jolly, den hoofdboekhouder vertrouwelijk verklaarde, — hoog-zuinig met woorden. Maar ook praatte Robert met Henri's machtigste inporters na, bij hem thuis, op kantoor, in hotels, alsof het de zielszuiverste zaak van de wereld was. Henri noemde dat: Robert's methode van zich-invouwen of zich-inmetselen, waardoor hij dagen lang verlost werd van Van Nien-huizen's onderworpen opstandigheid en kilheid. Hij bewees importers en hun dames allerlei diensten, zonder platte begeerlijkheid naar vleiende complimentjes.
Zelfs Henri's vrouw, Esther, viel het op, schoon voor géén mensch ter wereld Robert dieper en eerbiediger boog, dan voor haar!
Henri zelf zag soms snel blikken wisselen; blikken die naar zonderlinge verstandhoudingen heenwezen. Hij hoorde wel eens een raar gesmonsel en gefluister tusschen zekere kooplieden en Robert.
Tijdens zijn afwezigheid, — Bongers, de tweede boekhouder vertelde het heel toevallig, — had Van Nienhuizen met aanzienlijke Amerikanen, afspraken en ontmoetingen buiten de zaak; ook met juwelier Moro. Henri schrok er van en ergerde zich, in stilte. Nu bleef de heele Van Nienhuizen hem nog sluipender en gluipender raadsel; een listige intrigant, een sluw