252
Hij zag alléén nog den kruier, die de nummers afriep, hóórde alléén nog de bromstem van den notaris, die den boel afsloeg. Bij ieder bod ging er een kramp van verrukking door hem heen, ook al bood hij niet eens meer mee. Hij vond 't duizelig-heerlijk, dien snellen val van bod en overbod. In die jacht, die woeste spanning vrat 'n nerveuze drang, die 'm heftig aangreep. Hij gloeide mee, hitste mee, joeg, lachte mee. Boven z'n hoofd, langs hem, achter z'n rug, onder hem door, overal gingen de bod-seinen, zonder dat hij iets zag gebeuren. Hij wist nooit, en niemand, wiè eigenlijk bood, tot aan 't eind 'n naam of ״geld"-roep werd uitgekrijscht. Je moest wel heel stevig in de schoenen staan, wou je iets hebben dat je verlangde en toch geen strop koopen. Ook beviel hem zeer, dat de menschen om hem heen stonden ineens, met felste begeeren bloot. De onbeschofte, de gierige, de bedeesde, de hebzuchtige, je kon ze hier precies zien zooals ze waren. Toen hij uit 't gloeiende, dampige verkooplokaal, na nog z'n gekochten boel betast en beloerd te hebben, de straat opkwam, bekoelde de Maartwind z'n brandend-klam hoofd. Maar nog vóelde, hoorde hij niets anders dan geroep, zag hij niets anders dan z'n koopen in een heeten nevel van licht. Hij keek niet waar hij liep. De nachtgrachten stapte hij langs, instinktief. 't Juichte in 'm .. .. 'n prachtige dag en avond geweest! — Z'n maag rammelde, hij had honger en hij stierf van dorst. Nu merkte hij eerst hoe laat 't al was, dat hij niet gegeten en gedronken had. Wel twintig café's liep hij voorbij. De dorst martelde in z'n keel, maar haastiger liep hij door. Hij stierf liever, dan in 'n café wat te drinken, waar hij alles thuis voor niets kon krijgen. Dan nog maar wat flinker aangestapt, 'n kwartier langer dorstmarteling in den uitgedroogden strot.
Van dien dag af liet hij zich katalogi van allerlei soort veilingen toezenden, 't Werd 'n razende toevloed van kleurige drukwerken, lijsten, inlichtingen en uitnoodigingen. Hij voelde z'n kooppassie erin borrelen, 't Gaf hem 'n geweldige drukte, 'n nerveuze, opwindende bezigheid en een hartstochtelijke afleiding, 't Werd 'n woest feest van nummer-dansen in z'n