Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



77

'r, in zwierigen val, zwermen duiveveertjes door de lucht. Aan de dikke, schuin-hellende stengels zwollen de vruchten. Zwaar donkergroen, met donzige deukjes en lichtglansjes op wat plekken, builde de tuinboonen-vracht in zacht-donzen vacht.

Hier en daar, tusschen zwaar-bevruchten in, stonden groepjes nog in bloeseming als zilverend witte kapelletjes, met gitzwarte zijige vleugelvlekjes, waar 't licht öp zoende, stoeide en vrijde. — Roode kooien, slecht opschietend in den zandgrond, stonden prachtig, toch in bladwrong, bij Oom Hassel. Dof-paars-roode dauw, waasde in teerste druivendons over de kool-bollen, die opkropten uit geweldigen bladerenkring. Forsch, in rood, zacht-rozerood, tusschen teerst-groene nerven, vlerkten de bladerenschalen uit. —

In wondre lichtglansen wasemden de roode kolen, naast elkaar over de akkers. Heele rijen slangden in bloedroode schijnsels, nevelig doorzond, in paars en groene wazen, gekronkeld in schelpschalen van dof-rood kristal, geweldig uitschulpend rond de kroppen. — Zwart-roode dauw, verpaarste er smeltende glansen in; glansen van blauwig dons naar violetrood, dof satijn, als er opgeademd rag, met tintfijnste kleurpoeier. -—

Daartusschen, op de pastel-schoone, kleurtintige dauwbladeren, fonkten fèl als brandende parels, vurig gloei-groen en gloei-rood, wat druppels trillend kristal, zwemmend in weerschijnen, rondgestrooid grillig, op dons-doffe, fluweel-vertem-perde bladerenwaas van de goddelijke vruchten.

In lange rijen, tusschen het fel-lichte groen van losgeplooide kroppen sla, waaronder enkele al, torentjes-spitsig doorschoten, glansde in heerlijken kleurzang 't krotenloof, stalig rood, violet-licht, weerlichtend in tintdamp van mahonias, dwars door zonschijn omgloeid, als brandde er langs den zandgrond rood-paars fosfor, speelsch afbliksemend, zonnesprankels; direkt weer omsluierd in waas van éigen kleurfelheid.

Tusschen de selderie en peterselie, zoet geurend verwaarloosd nu met aardbeihaal, pluimde onkruid, fijn-blommig en stekelig-wild.

Jong groenden spersie- en snijboonenblad, om stokken en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.