72
woeste onverschilligheid de stervende bladeren, met harkende, breede halen van hun blinkscherpe schoffels, 't loof als vuil op-hoopend in de greppels. Van allen kant over de akkers, wiekten aan, in droomerige zwiertjes, kleur-teere vlinders, in licht-cier bemanteld, fluweelen scheepkens van glansen, droomerig zeilend in luchteblauw, zonder richting wiekvleugelend door het hittewaas, plots rustend op zonnevonkend boomgroen van hagen, of verdwijnend tusschen getemperden pastelgloed van 't stervend loof. — Van allen kant kwam aanfladdering van pauwoogjes, stralend prachtkoloriet van atalanta en goudvosjes, als toef sidderschoone kleurenveeren uiteengewaaid over de akkers. — Gloeinaakt schroeide 't land, in wit-violette hette naar horizon vernevelend, waar vèr, vlinderwiekjes met hun kleurgloed loomer verzwij melden in zoet rooksel van geurenden, zonnigen bloemendamp. —
Tegen half vier, op derde schoft, zakten de rooiers in hagen-luwte neer. Even rustten de gebroken polsen, gekneusde handen, zeere toppen. Schuw van pijn, gingen de zwartgroene vermartelde klauwen, in gretigen hap, naar 't brood. Groepjes rengelden slaperig van uitputting, in mat-zoet ledengerek. 'n Paar werkers wreven hard hun verstijfde knieën. Anderen weer, nog stiller en strammer in hun kort schoft, schooierden plat op den buik, in de half-schaduwende koelte van singelhoek, handen onder de kin gehaakt, kop éven op, als bezwijmden starend zonder te zien, naar akkers die vóór hen verblakerden.
— Daa's ook 'n klus, kaik sain te goape legge noa oasem ! schreeuwde er één, spottend wijzend op 'n kerel, die 't zöö martelend benauwd had, dat ie van z'n rug telkens op z'n buik draaide, uit de schaduwreep wegwoelde, en eindelijk pal onder gloeisteken van zonnevuur, op den rug, met oogendicht gezicht naar den hemel, voor dood bleef liggen, 'n Oue vent naast 'm zat recht óp, met z'n schouers tegen 'n haag, lijzig te happen uit stukkenzak.
Sarrende bromvliegen gonsden om hun zweethoofden, loerend op warmtewasem van nat vel. Drie kruiken gingen rond, en zwaar-gretig klokten slokken verkookt water de heet-droge