Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



67

lamgeranseld in 'r stoel, niet opkünnend met d'r zacht zwabberenden hangbuik.

Schemering duisterde de kamer in, waar duffe benauwing van versmoorde zomerlucht in rondrookte, tusschen vunzigen scharstank en poonenbroeisel. Telkens sulde Dient je met 'r slaap-hoofdje tegen muur, zacht-ronkend in 't zware kamerduister. Even voor Kees' komst stak moeder Rams, beverig en tastend, 't lampje op, begon Ant af te tellen, stond klein-versmald 't bleeke slaap tronietje van Dientje naast 'r moeder. Angstig-in-,gekneld had ze de centjes nog in 'r hand kleven; lei ze alles in treuzelige rijtjes op de tafel, dat Ant maar te tellen had, dadelijk kon zien wat 'r verkocht was. En al wist ze dat 't uitkwam, al had ze 't honderdmaal zelf over gerekend, toch ieder keer weer beefde kindeke van angst, dat 'r wat te min zou zijn.

Kindertjes rondom in de bedsteeën lagen al te snorken, hun lijfjes tegen elkaar verbroeiend.

Doodop nog, knielde Dientje met 'r bleek uitgeputte gezichtje naar den schoorsteen, öpstarend naar 't krucifix, klonk dof-mummelend 'r gebed, teemige gewoontewoordjes, half in slaap-wegsullend van de heete dorstige lipjes. In dommel slingerde ze 'r handjes 't wijwaterbakje in, boven Wimpie's ledekantje, stapte naar 't bedsteetje, waar ze 'n plaatsje opendrong tusschen drie naaktgewoelde, stinkende kleintjes.

Ouë Rams en grootmoeder waren naar bed gestapt in hun vuns gangetje. Daar broeide de hitte nog na, verduft als dampte er 'n warme bron open. Tegen half elf kwam Kees van de Haven. Z'n gezicht stond grauw van vermoeienis en verdroogd zweet. Hij beet zich op z'n dunne lippen, uit stillen wrevel. Geen woord dan werd gesproken. Alleen Wimpie, uit z'n donker hokje staarde levendig-angstig, van vader naar moeder, stil, met schraperig neusgeluidje van z'n zwakke korte ademhaaltj es. Op tafel lag 'n half tarfje met roggebrood voor Kees. Loom greep ie 'r naar, en loomer nog hapte ie 'r in, met breede sperring van stille kaken, lijzig kauwend, te vermoeid om te malen. Ingeslonken, z'n lijf gebroken van hitte en uitputting, bleef ie zitten, zonder klacht, stom.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.