Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



425

hooge roeping, zei stroef, dat 't recht z'n loop moest hebben, dat men bij hèm niet onderhandelde ; dat 'n dief als 'n dief gestraft moést worden. —

Piet was afgezakt. Z'n jonge stoutmoedige kop, met den dunnen neus en zijne grauwe oogen, stond verbluft in stille gramschap op den Ouë. — Uit stierig-ingebukten stand, kop-vooruit, was Dirk plots op den Ouë afgesprongen, wild, pakte kiel-eind vóór den strot bijéén, en rammelde Gerrit op z'n stoel heen en weer als 'n stroopop, dat z'n baard schommelde, z'n lokken zwierden onder z'n groenig petje uit. — Bulderrauw met onmenschelijk wreed-woeste stem, verstikt in doffe driftklanken, krijschte ie: — Spraik Ouë hengst!... Wa hep je daan, hep je onster feur 'n vvail loate hongerlaie ! ... spraik ouë hengst! smakkert! Smair-lap! hep jai onster uitskolde veur dief... mi de vaiftig pop van Kerremis! jai skurk ! dief ! Op wa hai je gefigelaird ! —

Hij rammelde en bofte ouë Gerrit op z'n stoel, dat diens gezicht opblauwde in Dirks woesten knuistklem, z'n oogen ver-dold angstigden als van 'n gepijnigden dwaas die niet weet wat gebeurt. Hassel's vingers krabden om lucht te krijgen in de knuist van Dirk, die op 'm gedrongen stond, met z'n blond-wreeden kop, vóór Gerrits gewurgde tronie.

Burgemeester mocht dat niet langer aanzien. Hij gaf den helmmannen 'n wenk, die daadlijk Dirk terug sleurden. De knaap, met vergrauwden woedekop liet niet steken, rukte Gerrit bij den strop óp van den stoel, als wou ie z'n vader wurgend vermoorden. De burgemeester sprong deftig bij, en met hun drieën rukten ze den half gestikten Ouë uit Dirk's schrikkelijken klauw, die nog nabeefde en vingerkrampte van hevige moorddrift. Piet had staan kijken, in aarzeling wie ie helpen zou. — Dirk, met sidderlippen, in Hasselsche razernij, grijnsde, grinnikte, spoog den Ouë, al doller van drift, in 't gezicht. — Gerrit kromde in, achter de agenten, neergesmakt weer op den stoel, half verborgen z'n bespuwden angstkop, de armen naar boven gekneld, in de boei-pooten der helmmannen. —

Piet staarde 't raampje uit, grauwbleek, en Guurt snikte, snikte zacht tegen den muur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.