Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



211

die met zwei-lijn geweldig tegen 't blauwe hemeldiep opbergde.

Ouë Gerrit was weggegaan, harkte weer op dijk-end waar 't grint gloeide en knerpend piepte onder z'n sjokkerig-tragen klomp-klos. —

Z'n hei-witte klompen, blank geschuurd, dribbelden tusschen de schelven op zonnigen grond, soms bij hiel en neus achter de hoopjes uit, alleen te zien.

In martelende worsteling tegen windrukken woelde Dirk op den al hoogeren hooiwagen, angstig-breed uitgebouwd. Van één hoek ploeterde ie, knie-waggelend z'n vingers vastgehaakt in de schroeiende rollen, naar den ander. — Hij gromde en z'n rooie kop zweet druppelde als was ie met water begoten. Z'n lijf stond in walm van zweet, poriede open in rauwen vleesch-geur. —■ Kreunend en hijgend rolde ie de opgesmakte gouden golven heet uitéén, met den heeten beuk van z'n bronzen knuisten en naarstig verdeelde, perste en bouwde hij uit aan één kant, trapte en voegde weer terug naar andere zij.

Sneller achter elkaar, in den smoorheeten zwoelenden zonnebrand stootten windrukken öp als zeng-adem uit strak-blauw luchtwelfsel, 't gloeiende hooi versliertend tegen Dirk's angst-kommervollen kop, kwaadaardig z'n oogen blind-stuivend, z'n ooren, z'n bevenden kermenden mond, met goud heet gefladder van pijltjes en strootjes, zaadjes en halmen ; öm z'n strooiblonden hoed, opplakkend tegen z'n hals, z'n nek in een heeten krans van goud windend. Rond-omme den wagen zweefden en zeefden zandwolken van polderweg öp, doorzond stofgepoeier, hoog in kolkende slierten en spiraligen gloei-dans. Telkens zakten terug rollen hooi rechts, uitgebouwd naar links. Dan grepen z'n dikke driftige armen in den gouden hooibrand, woelden en trampelden z'n beenen en onderlijf, dwars verzakt in 't gloeiende blond, de rollen onder 'm in; schoof hij in woester grabbel bijéén wat öm 'm verfladderde, tot hij plots weer z'n oogen in duizel dichtkneep, als nieuwe zengende windstuif, heet-schroei-end, hoog boven z'n kop uitvlaagde in dollen jool. Zóó, om-duizeld van stof, hooiblaas en windgier voelde ie op zich braden, neerschuimen de zonnegolven, onder den wind uit,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.