Menschenwee, Derde boek, Zomer

Titel
Menschenwee, Derde boek, Zomer

Jaar
1903

Druk
1903

Overig
1ed 1903

Pagina's
456



208

Diepe hooigeuren, honingzoet, zwijmelden om den wagen heen, en warmer broei van licht en aarde wasemde öp zomer-gloeiing van polders, koortsig en zengend, 't Rondom gemaaid gras op de weien, warm-groen, fluweel-doorgloeid, zong hoog in 't schitter-licht z'n wonder lied van innigheid en de blankhouten harken gristen en ritselden door 't hooi, met gerucht van grazende koeietongen. —

— Loa poard effe loope hee ? riep Ouë Gerrit naar Dirk onder 't opharken.

— Da' mó je moai maine, hai blaift d'r vast woar ie stoan !.. is 't main knol ?

Zalig-zomersche geuren, zonnig-zwoel en doorademd van bloemenzoet, zwierven rond, in de lucht en wei-zee. De schelp-ruischende polderstilte, de mijmer-zachte wuif van 't slootriet, en de halmenfluister trilden door de heete schitterlichte lucht als koelte-suizel en droomrig geklots van golfkabbeltjes, soezend slaperig, tegen blank-zonnend strand. — Eindlooze ruimte van bevend licht, hemelblauw en groen, lag er tusschen de werkers. Als oneindige kom, volgeschuimd met lucht en groen, gloeide de lage polder onder den hemelkoepel, blauw-barnend-vuur, waar de wind in zonnig-zwierige vlagen doorheen dartelde, huppelend en stormend, zacht joedelend en stoeiend, alsof honderden kwelgeesten tartend zang-doedelden door 't snikheete land. — De hooibergjes verbroeiden in zonnevuur, dat lévend op ze neerlekte, ze kontoerde in een trillenden zoom van heet goud. — Naar bouwgrondkant van polder was druk gewoel van blauw- en baairoodbekielde kerels en wijven tusschen de erwten en veldsla. Daar achter en öm, dromde 't vee luierend bijeen, slaperig traag in de drukkende hitte. De koppen opeengedrongen, koester-broeiden ze in de gouden vocht-warme wei van verre, begit, als met waterplassen glanzig oversmakt, in smeiïg schitterlicht, verglijend tusschen de plooi-glanzende blanke huiden. Op verren dijk, aan horizon, gingen traag twee boerenkarren, donker-kleintjes, als speelgoedwagentjes, tegen blauwen hemel in. Dichter bij de Hassels, waasde 'n nevel dauwig licht over 't gras, wonder beglanzend 't heete groen, dat hoog-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.