208
Diepe hooigeuren, honingzoet, zwijmelden om den wagen heen, en warmer broei van licht en aarde wasemde öp zomer-gloeiing van polders, koortsig en zengend, 't Rondom gemaaid gras op de weien, warm-groen, fluweel-doorgloeid, zong hoog in 't schitter-licht z'n wonder lied van innigheid en de blankhouten harken gristen en ritselden door 't hooi, met gerucht van grazende koeietongen. —
— Loa poard effe loope hee ? riep Ouë Gerrit naar Dirk onder 't opharken.
— Da' mó je moai maine, hai blaift d'r vast woar ie stoan !.. is 't main knol ?
Zalig-zomersche geuren, zonnig-zwoel en doorademd van bloemenzoet, zwierven rond, in de lucht en wei-zee. De schelp-ruischende polderstilte, de mijmer-zachte wuif van 't slootriet, en de halmenfluister trilden door de heete schitterlichte lucht als koelte-suizel en droomrig geklots van golfkabbeltjes, soezend slaperig, tegen blank-zonnend strand. — Eindlooze ruimte van bevend licht, hemelblauw en groen, lag er tusschen de werkers. Als oneindige kom, volgeschuimd met lucht en groen, gloeide de lage polder onder den hemelkoepel, blauw-barnend-vuur, waar de wind in zonnig-zwierige vlagen doorheen dartelde, huppelend en stormend, zacht joedelend en stoeiend, alsof honderden kwelgeesten tartend zang-doedelden door 't snikheete land. — De hooibergjes verbroeiden in zonnevuur, dat lévend op ze neerlekte, ze kontoerde in een trillenden zoom van heet goud. — Naar bouwgrondkant van polder was druk gewoel van blauw- en baairoodbekielde kerels en wijven tusschen de erwten en veldsla. Daar achter en öm, dromde 't vee luierend bijeen, slaperig traag in de drukkende hitte. De koppen opeengedrongen, koester-broeiden ze in de gouden vocht-warme wei van verre, begit, als met waterplassen glanzig oversmakt, in smeiïg schitterlicht, verglijend tusschen de plooi-glanzende blanke huiden. Op verren dijk, aan horizon, gingen traag twee boerenkarren, donker-kleintjes, als speelgoedwagentjes, tegen blauwen hemel in. Dichter bij de Hassels, waasde 'n nevel dauwig licht over 't gras, wonder beglanzend 't heete groen, dat hoog-