217
Iedere pagina is vol van fijne waarneminkjes en emotie-meevoelinkjes, niet uit 't verband aan te wijzen, alleen te waardeeren in samenhang met de geheele schets. Telkens dat kinderzieltje, als 't mannetje vergeet zijn vinger op te steken, zoo maar als 'n echt ongedrild en ongedisciplineerd jochie-pas-van-huis, zich smakt met zijn meeninkjes in 't verhaal van de juffrouw! 't Is alles zoo eenvoudig-raak, en zoo subtiel-lief, zoo fijn-zinnig van observatie en er door-heen-verwerkte emotie. Welk een zuiver gevoel moet mevrouw Boudier—Bakker hebben, om zoo innig en ongerept 't kinderleven in al zijn uitinkjes te kunnen na-voelen, nu nog als volwassene!
Hier past geen praatje over ״kinder-visie" en zoo meer. Elke terminologie zal hier dwaas gaan klinken! Zulke brokjes leven zijn van spontane diepte, van lenige kracht en frischheid, kunnen elke critiek-ter-minologie missen!
II.
Mevrouw Boudier—Bakker kent dat wereldje zoo echt als weinigen. De meeste schrijvers over kinderen verpsychologiseeren te veel, te zwaar, te log en te ingewikkeld! Mevrouw Boudier—Bakker blijft in haar verhaalgang zeer levendig. Haar plastiek is suggestief, hoe sober omgeving en atmosfeer ook gegeven is. Men zou,' bjj vluchtige doorschouwing zelfs geneigd zijn te zeggen, dat ze te veel aan de oppervlakte van 't kinderleven blijft, niet diep doordringt in hun fijne en broze neigingen, niet al de vertakkingen overziet van hun hebzuchtige sluwheidjes of kinderlijke kwaadaardigheid, slechts groepeert in fijnzinnige plastiek wat leuke episodetjes uit het kinder-gebeuren! Maar men komt gauw terug van