•432
ook. lederen avond zei hij deftig, de malste dingen, zoo kromgedraaid als Reintje ze nog nooit gehoord had. Hij vond iedere vrouw een gure Aprilmop. Hij vond een vrouw, die haar man bedroog, eerst een deugdzaam sujet... De deugd noemde hij het blanketsel van de leugen. Hij zei,... alle huwelijken moeten zonder liefde begonnen worden. Dan valt later ieder uur mee... En hij brabbelde in vreemde talen dingen, waar ze geen letter sjoege van had. Zat zij maar stiekem te
michelen. Hij beweerde....... je moest onbehoorlijke
menschen, die van een hóóger leven spreken, geen uur langer het bestaan gunnen. Hij dronk ontzettend veel, flips en Fizzes, en zij dronk mee, al koeler en nuchterder van kop; hij, al wranger en opgewondener van woord.
Als Reintje Mr. Duprez ontmoette in ״Willy's Bar", en hij nam haar Iaatavond mee naar de Warmoes-straatsche ״Kleine Club", zonk alle wilsslapte uit haar weg. Dan brandde een felle, ontuchtige verzetdrang in Reintje; genoot zij van eigen groeiende listigheid, huichel-coquetterie en liegdrift tegen Duprez' aristocratische, stille opsnijderijen en zijn hatelijke opmerkingen over haar stem en uitspraak, in. Maar zij fantaseerde toch brutaal. Zij ontstelde er soms zelf van. In haar schrik doorzag ze den advocaat-kerel als fuifnummer onmiddellijk.
Hij noemde de leugen de edelste gave, die een mensch in zich ontwikkelen kon. De hoogste kathedraal ooit gebouwd, is de Leugen...
— Zing jij nou maar van de Glorie God's... Prosit... welbehagen!
Een mensch, die scherp, zuiver, hard kon liegen, kon méér; kon eigenlijk alles!
Duprez brak en vergruizelde bij ieder spotwoord het klein beetje fatsoen in haar, dat zij nog dacht te bezitten. Hij hoonde...
Michelen: lachen.