390
anders dan boksen en vechten met de Zuid-
Afrikaansche Regeering. Schaduw-gevechten!...... In
listig-ironisch spel van diplomatie of door handelspolitiek gesteund,... dit Lichaam kon toch niet éeuwig overweldigende voorraden, waarvan het niets verkocht, blijven opstapelen, terwijl Afrika doorging met al maar diamant delven en afzetgebieden broeden in Europa en Amerika, om zoo, fel concurreerend, al de markten kapot te slaan? En als Kenya er nu nog bij kwam, met dolle avonturiers, die zich dagelijks vuur in den buik dronken? Niéuwe voorraad-overgolving. Een diamant-Sinterklaas van potpourri-geschenken. Er moest een strijd losbranden. De De Beers Cy. zou in expansie bliksemsnel gaan dreigen en in wroegings-wanhoop eindelijk den schrikwekkenden ondergang van haar eigen bezit en van Zuid-Afrika voorbereiden. Zelfmoord na moord. Je reinste hansworsterij uit schaamte. Als Afrika dan niet meedeed aan de waarde-vastheid van den diamant, zou de De Beers Cy. doen wat de Afrikaansche Regeering al lang deed. Ze zou, ten koste van zichzelve, maar ook ten koste van de Zuid-Afrikaansche productie, de Afrikaansche werkgevers en werknemers en al wat er aan vastzat, de markt doodgooien met haar eigen goederen tegen een belachelijk-luttelen prijs. Nóg lager dan ooit Afrika haar goederen op de markt had gesmakt. De
Beers zélve met een jaap en edelgezindheid....... er
onder, maar ook Zuid-Afrika. In dit drabbige werelddeel zou de industrie sterven. Ze was al half gewurgd. Ook daar sloten gierebokken en goedzakken fabriek op fabriek; liet de duivel met zich sollen. Maar de De Beers Cy. zelve zou nu ten gronde gaan. Geslepen diamant, vuurblauwe juweelen, waren ten laatste geen lokmiddelen meer voor praalzieke vrouwen en eerzuchtige demi-mondaines. Simili wél. Armbanden, goedkoop opgesierd, en valsche halssnoeren, éven schitte