ZOEKENDEN,
DOOR SAMUEL GOUDSMIT.
Zooals ik liefheb den herfst in ieder zijner wonder-ontroerende natuur-geruchten, in zijn weemoeds-grijze tonen en in zijn bloedroode blad-glansingen, in zijn goud-doorwasemde hemel-misten en in zijn zilver-ijle lichtspelingen,zoo heb iklief de Joodsche ziel, de wezenlijk diep-gevoelige Joodsche ziel, doorstormd van woeste droomen, maar ook verteederd tot 't uiterste, van stillen weedom en mijmer-zang.
En zoo banaal van realistische vlakheid kan in het kleine Joodsche leven niets zijn, of altijd weer gloort er een schijnsel van verheiligende innigheid doorheen, door geen smart, vrijdenkerij, spot of cynisme te dooven. Het kinder-herinnerings-leven bergt het gaafste geluk. En zooals ge, na vele jaren, een buurt rondtrekt, waarin ge als kind gewoond hebt, en alle dingen terugziet, wel verouderd, gebukt, verknaagd en aangevreten door den tijd, maar toch met iets wonderlijk intiems en eigens, dat door alle vergroeiing en ontreddering heen, dadelijk gaaf en ongeschonden tot uw diepste wezen terugkeert, zoo leeft ge ook na, in uw bestaan-als-man, uw heel klein jeugd-leven, vol droef-
12
193