denken is situatie-psychologie, zou iedere andere vrouw ook hebben kunnen denken, zonder Madeleine te zijn. 't Is voor een deel överbloemrijke lyriek en oud-romantische tragiek, maar alles van buiten-af op de menschen geplakt, niet van hun ziele-binnenste uitgehaald. Dat is alleen 't geval hier en daar bij René als hij door Parijs zwerft, en een angstige opjaging en geestelijke smart ondergaat terwijl hij denkt aan huis. Maar ook dat is gansch en al van een Lauer'sche gevoels-per-ceptie, onmiddellijk te herkennen aan de teederheid, maar ook aan 't soms weeë sentimenteel-drukkende en een daartegenover opgestooten hardvochtigheid en wreedheid om toch vooral flink en trotsch en fel te schijnen.
Maar dat de auteur nog geen raad weet met verhalen, staat vast. Daarom vervalt hij in wansmakelijke oude romantiek bij de beduiding van zekere situaties.
— »Lieveling, lieveling, steunde ze zacht, wringend heur handen, radeloos van angst, lieveling—m'n jongen...! Doch niemand antwoordde; 'tbleef stil in 't kamertje waar anders zijne stem weerklonk«. Zooals ge ziet, een zoetig-geglaceerd salon-photogra-phietje!
Dit gebeurlijkheidje ondervindt Madeleine alleen met haar dochtertje, terwijl René naar zijn »dierbare oudjes« was heen gegaan, naar de lieve plekken van jeugd (bladz. 137).
Zoo op het oog zou men zeggen, best mogelijk, maar lees deze gansche pagina's eens in den stijltoon van het geheel. Dadelijk voel je 'r de onzuiverheid van.
126