keibellen van trams en toeters van auto's lawaaiden en gierden door malkander.
De Y-stroom, nog in wijde schittering____ en
de Schreierstoren, beoosten de Oude-Zijds-Kolk-sluis (het hoog-opgemetselde Camperhoofd), primitief vestingwerk van oud-Amsterdam, aan het einde der vijftiende eeuw gesticht; toen er nog schietoogen in den trans gluurden. Toen de vrouwen schreiden, wanneer zij haar mannen en zonen zagen afvaren en ze tot het uiterste bleven naturen langs de Waal, naar Pampus toe, bleven
staren naar roer, wimpel en vlag----De ״Scraey-
houck"____ Fokkens heeft het ons verduidelijkt:
de huilende vrouw uitgehouwen in den gevelsteen van den noordelijken muur, — een vrouw ״ziende haar man heenreysen". Ook Johannes Antonides in zijn klankgolvend en breed gerythmeerd gedicht ״De Y-stroom", verhaalt er bewogen van.
VI Stemming.
Het zeventiende-eeuwsche Y, wijd en stormig (echte zee-arm), onder laten herfstigen, gelen hemel, het golvende water violetgrauw, door vliegende wolkschaduwen bestoven; de namiddaglucht breed en magistraal uitgespannen over
veste, oevers, paalwerk en landouwen____ Het
gekanteelde leien dak van den Schreierstoren
151