MOEDER 303
en met wat zware kleuren is deze levens-tragiek aangevoeld en uitgedrukt. Maar in al deze chromatische stemmingen, hoe zuiver objectief heeft mevrouw Van Gogh die moeder-vrouw er in laten leven, denken, handelen, peinzen. Zoo saamgedrongen, ook in haar hartstochtelijke buien en uitbarstingen. De psychologische romanschrijvers geven meestal in een langdradige uitspinning van persoonsgewaarwordingen de tragiek van zoo'n moeder-lot te aanvoelen, vlak-meditatief, en doorgeborduurd met klein detailwerk. Anna van Gogh geeft, in dit boek, als een dramatisch voelster, de tragiek dadelijk uit de levensvervorming en verwisselingen zelve, zonder eenige motief-verfletsing. Ze laat de rampspoedigheid voor u opgroeien uit de gebeurtenissen, de tragiek ontstaan uit de toestanden zelve, zonder lyrische aderlating van het gemoed óver die ellende. Ze webt de dramatiek niet in een psychologisch weefsel. Haar schip gaat met de dreigend-donkere voorsteven door de schuimende levenszee. De tragiek ligt rauw en beangstigend voor u open, door de impassibiliteit waarmee ze uitbeeldt. Zoo ziet ge donker-bronzen zeilen den nacht indrijven van dit, in avond-eenzaamheid vervalend schip. Onheimelijk duistert een toekomst voor den boeg, maar niemand weet van al de verborgenissen iéts.
Waar zal dit moeder-leven op aanbotsen?