218 STUDIËN
staan geen portretten met opdrachten van bewonderende modekramers.
Gevlei brandt als mierzuur, zoo goed als afgunst steekt als wespenangel. — Toén, na veel gesar, is zijn zwakheid losgebrokkeld, begon hij van zich af te ranselen op landgenooten en beoordeelaars. Maar ook deze zwakheid weer is sympathiek en zoo erg menschelijk in den véél beweren-den Van Eeden. — Eerst van vrees bezeten voor ruzie, werd hij toen van vrees bezeten voor inschikkelijkheid en lamlendige gemoedelijkheid. De echt, zwak-menschelijke Van Eeden!
Veel minder zou zijn critiseerende critiek, als in de ergernis-wekkende ,,Woordkunst"-artikelen, opgevallen zijn, indien hij vaker en geleidelijker zijn beoordeelingen had gegeven. Nu liep elke zin heet als 'n neuswarmertje. En hoe uitmuntend zou 't geweest zijn als Van Eeden literatuur-critiek ging schrijven, want hij kan prachtige opmerkingen maken, fijn ontleden en raak saam-vatten, al is hij geen.... specialist. Er zijn zooveel kakelhoenen op den weg zonder weet, behoefte aan een kenner is er altijd! Paasch-étalage's kan hij missen, en van critische uitdragersslimmigheidjes zijn we al overrompeld. De vaklui bluffen als vendumeesters en de kiespij nwatj es worden duur betaald. Heele gebitten worden leeg getrokken, de aristocratie der critiek is die des stalknechts geworden.