i54 ERETS ISRAËL
zijn Jood-zijn wat beteekent, en die het behoud wenscht van de Joodsche natie, de Zionistische beweging behoort te steunen. Nordaü, de groote denker, de man die het wezen van onze samenleving zoo geheel en al doorgrondde, toonde aan, dat de emancipatie van de Joden, na de Fransche revolutie, maar half werk heeft kunnen doen. Hij had gezien, hoe de Joden zich nog steeds als afzonderlijke natie bleven handhaven; en toen Herzl kwam met zijn voorstellen tot oplossing van het Joodsche probleem, toen vond hij dadelijk in Nordaü een medestander, een raadsman en een vriend. Nordaü is dat gebleven door alle jaren heen; zijn naam is aan het Zionisme onafscheidelijk verbonden en voor degenen, die in de Zionistische beweging een werkzaam aandeel nemen, is hij steeds de betrouwbare vraagbaak, de oude meester, aan wiens autoriteit men zich gaarne onderwerpt.
Nordaü heeft zich in het Zionisme steeds gehouden buiten de dagelijksche leiding, en toen in 1904 Dr. Herzl kwam te overlijden, volgde wel een tijdelijke stagnatie, maar men kwam de crisis te boven en de personen werden gevonden, die bereid waren naar hun beste weten Herzl’s werk voort te zetten. Aan het hoofd van hen stond David Wolffsohn.
Niet het betooverende wezen, niet de postuur en den blik van een heerscher in Israël heeft Wolffsohn met