75
„Polen verdedigen, Russisch Polen en als het kan, Pruisisch en Oostenrijksch Polen er aan toevoegen. Oostenrijk is gelukkig met dezen oorlog; het zal zich graag een amputatie laten welgevallen om de grootere amputatie te voorkomen, die in zicht was — de afval van Hongarije”.
Zij spraken vier uren over het plan de campagne. De minister zag tot zijn verwondering in deze gewichtige stonde, dat de Grootvorst een regeering naast de regeering gevoerd had en de onmetelijke schatten, die hem uit eigen vermogen en de bezittingen der kloosters ten dienste stonden, besteed had om door de geheele wereld een spionnendienst voor Rusland te organiseeren, welke nu, bij het begin van den oorlog, zijn nut opleverde.
„Hoe ontzaglijk veel heeft Uwe Koninklijke Hoogheid voor het Russische volk gedaan,” zei de minister.
„Niet voor Rusland alleen, maar ook voor hem, ons aller hoop.” En de Grootvorst wees op het portret van den Tsarewitsj.
„Is den Tsaar dit alles bekend?” vroeg de minister.
„Neen, en ik heb het hem nooit meegedeeld, omdat Raspoetin het niet uit de onderbewustheid van den Tsaar zou gepuurd hebben en het uit hem tot anderen zou zijn gekomen. Raspoetin kan alles voorspellen, behalve hetgeen ik geheim houd, want waarom heeft hij nooit iets gezegd, van wat ik hier volvoerde?”
De minister, die des Tsaren vertrouwen in den monnik kende, zweeg.
Met schrik dacht hij er aan, dat, zoo er iets onwaar in Raspoetin zou zijn, alles onwaar zou kunnen wezen. Jarenlang zou dan de Tsaar aller Russen zich, bij al zijn handelingen, hebben doen misleiden en leed