105
Rusland, het onmetelijke Rusland, begon ook aandeel te zoeken in de nieuwe wereldorde, in het verkeer; het wilde met Frankrijk ruilen: het geld van Frankrijk, verkregen door het versmoren van het Fransche kind reeds vóór de geboorte, zou nu het Russische kind ten goede komen, op voorwaarde, dat de verminderde weerkracht van Frankrijk zou aangevuld worden door Russische mannen. Frankrijk smoorde eerst het eigen bloed voor geld en kocht toen voor geld het vreemde bloed. Dit was de politiek van den burger-republikein,' die den koning en den prelaat had verjaagd.
Toen Rusland, dank zij het geld, aandeel had genomen in het verkeer, werd het een mededinger voor Frank-rijk’s natuurlijken vriend, voor het sterk Brittanje, losgescheurd van Fransch Bretagne.
Engeland had, voorloopig, het Afrikaansche werelddeel zijn levensprincipe te brengen: Christendom, humaniteit, internationaliteit. Toen, opblikkend, zag het, hoe de trans-siberische spoorweg Petersburg verbond met Peking, dat Rusland — over China heen — vriendschap zocht met Japan, om het groote Chineesche rijk te voegen bij het Russisch-Mongoolsch gebied en achter in den stoet hunkerde Rusland, het kille, koude Rusland, naar de warmte van de Insulinden. Kalm en bewust, altoos staande boven het oogenblik, als eiland-volk gewoon te blikken naar ver verwijderde horizonten, zag Engeland het aandeel, dat het te nemen en dat het te geven had. Rusland moest, over Frankrijk heen, niet de tegenstander, maar de vriend van Engeland worden, en zoo zouden de drie Duitschland beperken kunnen binnen de grenzen van zijn gebied.
De drie groote mogendheden, Frankrijk, Engeland en Rusland, wel verzekerd van de Romaansche sym-