73
kunnen hebben. Wel zeker, een jurist zelf heeft hier het vonnis geveld over zijn eigen kaste.!)
Wel zeker, schaffen wij de civiele rechtspraak als object van staatszorg af. Wie zin heeft zich tot rechtskundige te vormen, wel dat hij die studie-lust uit eigen zak betale. Waarom zal men den Nederlander dwingen twintigduizend gulden ’s jaars te betalen per stuk voor de opleiding van zijn eigen beulen, wetverkrach-ters, wreedaards, huichelaars, vernuftelingen, door-de-mazen-van-de-wetkruipers, rechtsverdraaiers, spijker-op-laag-water-zoekers, vaderlandslooze individuen, die de arme kinderen van de Nederlandsche volksfamilie op water-en-brood opsluiten, omdat ze geen geld hebben.. welk geld ze gedeeltelijk niet hebben, omdat het deel van ’t nationaal vermogen, dat hun toekomt, wordt besteed voor overbodige juristerij. Ik ben er zeker van, dat de afschaffing van de juridische faculteit (civiel gedeelte) onmiddellijk ten gevolge zal hebben, dat men zich in de jura particulier zal kunnen doen onderrichten op dezelfde wijze als men dat moet doen, wanneer men talen wil leeren of wiskunde of stenografie. Juist zooals in de litteratuur, zullen dan vaktijdschriften, door particulieren uitgegeven, wel zorgen voor den bloei van het civiele rechtswezen. En voor beëedjgde verklaringen zou één rijksambtenaar in elk arbitrage-college voldoenSe zijn.
Wij moeten in ’t land van Rembrandt niet de moderne kunstwerken gaan belasten. Want de kunst is een der weinige zaken, waarin een klein volk internationaal groot kan zijn. Maar wij moeten op de goede wijze bezuinigen door het parasitaire universiteits-wezen te besnoeien. Dit is ook economisch te verdedigen. Schilderijen en kunstvoorwerpen in ’t algemeen vormen
1) Een ander jurist, mr. R. A. Fockema, president van het Gerechtshof te Leeuwarden, heeft zooeven bij Bohn, te Haarlem, een „Varia” doen verschijnen, waarin hij leuk-weg komt mededeelen, dat ons Nederlandsch rechtswezen door-en-door bedorven en rot is.